Z.

[16] Inderdaad. Het is alweer Schleiermacher, wiens theorie de moeder is

van de hier bestreden beschouwingen. Voor hem was in het volstrekte

afhankelijkheidsgevoel het bewustzijn van onze betrekking tot God

besloten. Want in dat bewustzijn achtte hij het antwoord op vraag: van

wien afhankelijk? verborgen. En voor hem is God datgene wat ons

afhankelijkheidsgevoel veroorzaakt en bepaalt, waartoe wij het als het

ware herleiden. Maar dat zou toch slechts door een redeneering, een

causale verklaring van een in ons zelf gevonden gemoedsgesteldheid

mogelijk zijn. En godsdienstig geloof is in aard en oorsprong toch iets

geheel anders dan een beredeneerd gevoel. Bovendien kan zulk een

afleiding van ons afhankelijkheidsgevoel het denken ook tot een geheel

ongodsdienstig geloof, tot de Materialistische leer van een

geesteloos-blind spel van stof en kracht in het heelal brengen. En zelfs

zoo het denken ons tot de erkenning van een geestelijken wereldgrond en

wereldwezen brengt, is dit nog maar philosophie en theoretische

wereldverklaring, en nog geenszins godsdienst. Eerst wanneer de mensch

daarbij van godsdienstige aandoeningen en aandriften wordt vervuld, is

er religieus leven.

Godsdienst en godsdiensten · 第 31 / 83 题