BESTUURSLICHAMEN EN BELASTINGEN.

Hieronder zal ik enige aanhalingen doen uit schrijvers uit de

achttiende eeuw om aan te tonen, hoe het bestuur der kolonie was

ingericht, maar eerst wens ik een paar opmerkingen te maken om

begripsverwarring te voorkomen.

Het Hof van Justitie, hierna te noemen, behandelde alle zaken met

gesloten deuren, er werd nooit mondeling gepleit en de partijen waren

volkomen buitengesloten. Alle stukken en bewijzen werden aan twee

leden van 't Hof gezonden door de prokureurs, voordat 't Hof

bijeenkwam. Die stukken werden dan door alle leden gelezen. De

uitspraak geschiedde bij meerderheid van stemmen.

Het vonnis werd door de Griffier (Sekretaris) van 't Hof in 't

openbaar voorgelezen, nadat men drie maal op een bel had geslagen om

de mensen er kennis van te geven.

De wetten van de Kolonie waren: 1. Het kaapse Plakkaatboek, waarin

de wetten stonden, die door Goeverneur en Raden aan de Kaap waren

gemaakt; 2. De Statuten van Batavia, een verzameling van wetten, te

Batavia uitgevaardigd. 3. De Grote Plakkaatboeken van Holland; 4. Het

romeins-hollands recht. Een wet werd na klokgelui bekend gemaakt door

de Sekretaris van de Politieke Raad.

Kopieën werden hier en daar aangeplakt. Laat ons nu zien, wat

Valentijn van 't bestuur zegt: »Daar is een Polityke Raad, een Raad

van Justitie, een vergadering der Weesheeren, een Vergadering van

Kleine, een Vergadering van Huwelijkszaaken en een Borgelijke

Krijgsraad.

De Polityke Raad, die de aanzienlykste en eerste in rang is, bestaat

uit een Heer Landvoogt, Opperkoopman, Fiscaal Independent, Capitein,

Pakhuismeester, Dispensier, Soldyboekhouder, en den Geheimschryver,

doch in 't jaar 1705 was de Winkelier mede een Lid. Deze Raad

vergadert Dynsdags.

De Raad van Justitie bestaat uit die zelve Leden der Compagnies

Dienaaren in 't Civiele, doch in Crimineele zaaken is de Fiscaal hier

Eisscher, en dan geen Lid; maar buiten de Dienaars der E. Maatschappy,

by de welke de Capitein-Lieutenant, Lieutenant, ofte Vaandrig ook wel

gevoegt worden, zyn hier ook drie Borgerraaden (anders wel Kaapze

Borgermeesters genaamt) Leden van dien, welk Collegie door den

Geheimschryver (die eerste Klerk is) gesloten, gelyk die Vergadering

doorgaans Donderdags 's morgens gehouden word.

De Weeskamer bestaat hier uit den Tweeden Persoon, drie Dienaars der

E. Maatschappy, en drie Leden uit de Borgery (die dit voor 2 jaaren

blyven) benevens hunnen Geheimschryver.

Deze bestieren de zaaken der Weezen zoodanig, dat zy niet meer gelden

van een Weeze, al bezat hy nog zoo veel, dan hy tot zyn onderhoud van

nooden heeft, voor hem, en de rest voor andere Weezen, die niet genoeg

hebben om te bestaan, hier uitzetten."

»De Vergadering van Kleine Zaken bestaat uit een Voorzitter (die alle

2 jaren verandert, en die doorgaans de Capitein, Soldyboekhouder, of

Capitein-Lieutenant is) drie Dienaars, en drie Borgers, met hunnen

Geheimschryver.

En de Vergadering van Huwelykszaaken bestaat uit den Lieutenant, twee

Dienaars en twee Borgers met hunnen geheimschryver.

Die van den Polityken Raad vergeven al de mindere Ampten in den dienst

der E. Maatschappy, en ook alle de Borgerlyke bedieningen.

Die van den Raad van Justitie oordeelen in 't Civiele en in 't

Criminele oppermagtig, doch van 't eerste kan men zich op de Raad van

Justitie op Batavia beroepen"[84].

»Uit de voornaamste dezer Borgers worden jaarlijks 2 nieuwe

Borgermeesters, by 2 oude, die in dienst blyven, door den Gouverneur

en Raad, en uit de zelve doorgaans de 3 Borger Raaden van Justitie, en

verder ook 3 leden in de Weeskamer, 3 in de Vergadering van Kleine, en

2 in 't Collegie van Huwelijks-zaaken, gekoozen, die gemeenelyk 2

jaaren dienen, en dan door anderen vervangen worden.

Landwaart in op Stellenbosch heeft men een Landdrost, die daar als

President sit, en nevens 4 Heemraaden van die volkplanting en 3 van

Draakestein, een vergadering van Heemraaden uitmaakt, welke over een

somme van 150 guld., en hooger niet, mogen oordeelen, en van waar men

tot den Raad van Justitie aan 't Kasteel appelleeren kan"[85].

Het huiselik en maatschappelik leven van de Zuid-Afrikaner in de eerste helft der 18de eeuw · 第 19 / 26 题