In alle physische kabinetten herhaalt men met vrij kostbare werktuigen
de beroemde proef van den Deenschen natuurkundige Oersted, waardoor
aangetoond wordt, dat eene magneetnaald van haren evenwichtstoestand
afwijkt, als men er een geleiddraad bijbrengt, waardoor een electrische
stroom gaat. Deze proef is allerbelangrijkst, daar zij het uitgangspunt
geweest is tot de uitvinding van de electrische telegraphie.
Ik zal u in de gelegenheid stellen, dezelfde proef te doen: de daartoe
noodige toestellen kunt ge spoedig en zonder eenige kosten zelf maken.
Wij hebben noodig: een groot glas met water, een wijd champagne-glas
of een kom half vol water, waarin een flinke handvol keukenzout is
opgelost, een theelepeltje, eene vork, wat stukjes coke ter grootte
van kersesteenen, eene naainaald, een magneetje en eindelijk eene
strook zink van omstreeks 20 cM. lengte en 2 cM. breedte.
Wij beginnen met eene magneetnaald te maken (zie "Het goedkoope kompas"
op bladz. 97), of gebruiken dezelfde naald, welke bij die proef reeds
dienst deed; wij laten haar op het water in het groote glas drijven
door haar met wat vet te besmeren, of wij steken haar op een stuk
papier in den vorm van een dier of van een poppetje. Wij weten dat
een der uiteinden van de naald zich nu terstond naar het Noorden
zal richten.
Nu moeten wij den geleiddraad aanbrengen; gaat de galvanische
stroom hier doorheen, dan wijkt de magneetnaald af. Dien geleiddraad
vinden wij in het theelepeltje, dat wij op het glas leggen boven de
magneetnaald en in dezelfde richting als deze heeft, als ze in rust
is. Gij ziet, dat dit alles zeer eenvoudig is.
Ten slotte zullen wij het galvanisch element samenstellen. Wij beginnen
met de stukjes coke in een lapje te doen en tot een pakje te binden,
waarin wij den steel van de vork steken. In de zoutoplossing gedompeld,
zal deze inrichting de positieve pool van het element uitmaken.
Wij zetten verder den zinkreep met het eene uiteinde eveneens in
de zoutoplossing, zonder dat het zink en de coke elkaar aanraken,
en verkrijgen zoo de negatieve pool.
Nu leggen wij de tanden der vork en het andere uiteinde van den
zinkreep op de beide einden van het lepeltje, en terstond openbaart
zich de aanwezigheid van den electrischen stroom door de afwijking
van de naald. Zoodra de zinkreep uit de zoutoplossing genomen wordt,
herneemt de naald haar vorigen stand.
Als het hoofd van het poppetje in de teekening naar het N. gericht
is, en al de samenstellende deelen in dezelfde orde zijn geplaatst
als op het plaatje, zal het poppetje met het hoofd naar links afwijken.