[Ordre op het doen van den Eed van getrouwigheid, by den Gouverneur,
Raden en Regters, mitsgaders de Soldaten, Matrozen, en verdere
Bedienden.] Dat den voornoemden Gouverneur zal wezen gehouden Eed van
getrouwigheid aan haar Hoog Mog., mitsgaders aan de Bewindhebberen van
de voorsz. Compagnie te doen, en de voornoemde Raden en Regters
gelijken Eed, na zeker Formulier daar van te beramen in handen van den
voornoemden Gouverneur; ende dat de Soldaten, Matrozen, ende verdere
Bedienden, de welke by de voorsz. Compagnie zullen werden gesoldoijeert
en betaalt, alle aangenomen en be-eedigt zullen werden op en volgens de
generale Articul-brief van de Compagnie; zullende alle de Opgezetenen
ende Coloniers mede Eed van getrouwigheid aan den Staat ende Compagnie
moeten doen op een particulier Formulier, daar van insgelijks te
beramen, na het exempel van de Eeden der Burgeren en Ingezetenen dezer
Landen.