IN MOBILE

Mobilis in mobile [1], een devies, dat zeker sloeg op het vaartuig,

waarin wij ons bevonden; de letter N was waarschijnlijk de eerste

letter van den naam van den raadselachtigen persoon, die hier in de

diepte der zee bevel voerde.

Ned en Koenraad maakten niet zooveel opmerkingen. Zij aten maar, en

ik volgde weldra hun voorbeeld. Ik was bovendien gerust in ons lot,

daar het duidelijk bleek, dat onze gastheeren ons niet van honger

wilden doen sterven. Alles eindigt evenwel hier beneden, alles, zelfs

de honger van menschen, die in geen vijftien uur gegeten hebben. Toen

onze honger gestild was, deed zich de behoefte aan slaap geducht

voelen. Het was zeer natuurlijk ook, na dien eindeloozen nacht,

gedurende welken wij met den dood geworsteld hadden.

"Nu zal ik wel slapen," zeide Koenraad.

"En ik slaap al!" bromde Ned Land, die even als Koenraad op de

vloermatten ging liggen, waar wij weldra vast sliepen. Ik kon

den slaap nog zoo gemakkelijk niet vatten; te veel denkbeelden

doorkruisten mijn geest, te veel onoplosbare vragen kwamen in mij

op, al te veel voorstellingen hielden mijne oogen geopend. Waar

bevonden wij ons? Welke vreemde macht sleepte ons mede. Ik voelde

of liever ik meende te voelen, dat het vaartuig in het diepste

gedeelte der zee daalde; vreeselijke nachtmerriën plaagden mij;

ik zag in die geheimzinnige diepte een wereld van onbekende dieren,

welker samenleving dit onderzeesche vaartuig scheen te deelen, levend,

zich bewegend, even afschuwelijk van gedaante als zij!... Toen werd

het kalmer in mijn geest, mijn denkvermogen loste zich op in eene

onbepaalde lusteloosheid, en ik viel weldra in een doffen slaap.

20.000 Mijlen onder Zee: Oostelijk Halfrond · 第 11 / 28 题