In 1837 had Hendrik Conscience zijn eerste roman, _In 't Wonderjaer,_
gepubliceerd, en wel in het "Vlaemsch"--wat toen zonder meer een politieke
daad was. In datzelfde jaar verdiepte hij zich in een toen zeer actuele
geschiedenis: de slag der gulden sporen. _De Leeuw van Vlaenderen_
verscheen (in drie banden) in 1838 en kende een voor die tijd opzienbarend
succes. Conscience is dan 26 jaar en geniet op slag een niet meer
geëvenaarde populaire bijval. Het geheim van zijn succes? Hij moet zijn
volk, zowel de Vlaamse, politiek bewuste, intellectuele middenstander als
het "mindere volk" dat nog amper kon lezen (en de _Leeuw_ nog voor een
aantal jaren vooral zou moeten horen voorlezen) intens geraakt hebben in
een bepaalde gemoedslaag. De kern van het boek is de nationaal-politieke
bezieling, die de verteller van de _Leeuw_ op zijn lezers overdraagt met
een onweerstaanbaar emotioneel engagement. De _Leeuw_ is een uitermate
representatief staal van Consciences kunst, d.w.z. een mengeling van
"schilderende" en "onderwijzende" letterkunde. Door het machtig verleden
van Vlaanderen in fors geborstelde (massa-)taferelen op te roepen wil hij
de Vlaming bewust maken van zijn nationale identiteit en eigenwaarde en hem
wakker maken voor de Vlaamse zaak, toen zo bedreigd in een door de
Franstalige bourgeoisie gedomineerde Belgische staat. Door hem te leren
lezen wilde Conscience de Vlaming leren klauwen.
Lees het _Voorwoord_ en de beroemde vermanende slottoespraak, maar let ook
op de talrijke expliciete en impliciete stellingnamen van de verteller, die
de lezer tracht in te palmen, te overtuigen, te beleren en op te zwepen.
Een meeslepend gevoelselan doorzindert dit boek dat, typisch genoeg,
eigenlijk geen centrale held kent, maar als roman van een _volk_ een hele
volksgemeenschap laat zegevieren. Het didactisme van Conscience, zoals van
zijn tijdgenoten in de romantiek, blijkt bijvoorbeeld uit belerende
voetnoten waarmee hij graag uitpakt: een waarborg van deskundigheid en
waarachtigheid waar hij zijn lezer voor de Vlaamse zaak mee wil winnen.
Onze uitgave heeft iets speciaals: zij biedt, op de spelling na en in één
band, precies de tekst die de lezer van 1838 heeft kunnen zien. Wij wilden
de oorspronkelijke tekst zo getrouw mogelijk bewaren en toch de
niet-specialist een zo leesbaar mogelijke tekst aanbieden. Daarom hebben
wij praktisch alleen de spelling aangepast. Woorden en wendingen die nu
archaïsch voorkomen, hebben wij laten staan. Ook aan Consciences soms
gammele zinsbouw hebben wij niet gesleuteld, maar manifeste taalfouten, bij
voorbeeld genus-aanduidingen, hebben wij gecorrigeerd. Geen woord of
zinsdeel werd geschrapt. Wij hebben hertoetst noch hertaald. Wij hebben
getracht die authentieke 'patine' die over de originele tekst ligt, intact
te laten, opdat Hendrik Conscience ons nu, meer dan honderd jaar na zijn
dood, weer aan en toe zou spreken met precies die stem, die intonatie, die
woordenschat en ook in dat soms onbeholpen "Vlaemsch" waar hij een eerste
generatie van lezers mee heeft geraakt en geboeid. Aldus, zo hopen wij, zal
die _Leeuw_ weer klauwen met onverminderde kracht en authenticiteit, zoals
ongeveer anderhalve eeuw geleden.