Daar zijn «de Vlaamsche Ardennen.»

Zuid-Vlaanderen is eene landbouwstreek. De grond is door den band

kleiachtig, en brengt goede oogsten voort: tarwe en rogge, gerst en

haver, aardappelen, wortelen en rapen, vlas en klaver.

Twee heuvelreeksen loopen langs de oevers der Schelde: de eene aan den

noordwestkant, de andere aan den zuidoostkant des strooms.

De eerste scheidt den Scheldekom van den Leikom. Zij begint over

Bellegem, loopende langs Sint-Denijs en Moen naar het Banhout, naar

Ootegem, Ingooigem, Tiegem, Kaster, Ansegem, Gijzelbrechtegem en

Wortegem.

De zuidelijke keten begint aan den Kluisberg, bij Ronse, en richt zich

langs Quaremont, Nukerke, Edelare en Eename naar Gaver. Eene vertakking

gaat oostwaarts, tusschen Quaremont en Ronse, naar het woud van

Vloesbergen, op de scheiding van Oost-Vlaanderen en Henegouw, naar

Geeraardsbergen en het Brabantsche. Te Geeraardsbergen onderscheidt men

nochtans het dal van den Dender.

Tot de aanzienlijkste verhevenheden behooren: de Perreberg, te

Sint-Denijs; de Keiberg, op het grondgebied van Moen, en de hoogvlakte

van Tiegem, in West-Vlaanderen; -- de Edelareberg, bij Oudenaarde; de

Koppenberg, bij Melden; de Kluisberg, tusschen Avelgem en Ronse; de

Hootond, benoorden Ronse; de Muziekberg, ten Oosten van dezelfde stad,

en de Oudeberg, bij Geeraardsbergen, in Oost-Vlaanderen; -- de

Pottelsberg en de berg van Rhodes, in Henegouw.

Verscheidene beken vloeien naar de Schelde.

De Braambeek, komende van Sint-Denijs, kronkelt door Moen, en scheidt

verder Heestert van Autrijve en Autrijve van Avelgem. In de XVIIe eeuw

bracht zij nog eenen watermolen in beweging.

De Arnoldusbeek ontstaat te Tiegem en vloeit naar Avelgem.

De Ronne komt uit Henegouw, scheidt deze provincie van Oost-Vlaanderen,

loopt langs Amengijs (Amougies) en Orroir, en valt tegen Avelgem in de

Schelde. Dit riviertje gaf zijnen naam aan de stad Ronse.

De Markebeek neemt haren oorsprong aan den voet van den Pottelsberg. Zij

bespoelt de gemeenten Schoorisse, Marke en Etikhove en mengt, bij

Leupegem, hare wateren met die der Schelde. Zeven watermolens werken op

de Markebeek.

De Zwalme ontspringt tusschen Vloesbergen en Nederbrakel. Zij besproeit

deze gemeente en verder Michelbeke, Roosbeke, Rooborst, Munkzwalm en

Nederzwalm, vallende in de Schelde tusschen Welden en Hermelgem. Het dal

der Zwalme is overal zeer schilderachtig.

In het dal der Lei vinden wij de Klakkaardsbeek, op het grondgebied van

Kortrijk, en de Kastelnijbeek, te Vichte. Dit laatste riviertje

scheidde vroeger de kastelnij van Kortrijk van die van Oudenaarde.

Aan de kanten van Geeraardsbergen kronkelt de Molenbeek naar den Dender.

De vaart van Kortrijk naar Bosuit, gedolven in 1858-1859, verbindt de

Lei met de Schelde, langs Zwevegem en Moen. Tusschen deze twee

gemeenten, op het gehucht Knokke, heeft men eenen tunnel gedolven, die

665 meters lang en, met den trekweg, 6 meters breed is.

Zuid-Vlaanderen bezit nog verscheidene bosschen: het bosch van Bellegem,

tusschen Kortrijk en Doornik; het Banhout, bij Heestert; het

Bouveloobosch, tusschen Ansegem en Wortegem; het Kapelbosch, te Tiegem;

de bosschen van den Kluisberg en den Muziekberg; het bosch van

Vloesberge en het bosch te Rijst, niet verre van Opbrakel.

In vroegere eeuwen waren die wouden natuurlijk veel grooter dan thans.

Vossen en wolven hadden daar hunne schuilplaats. Tusschen Volkegem en

Eename wijst men den reiziger nog den Wolvenberg aan. Meer dan éene

gemeente heeft eene Wolvenstraat of eenen Wolvenhoek.

Nu en dan gebood men klopjachten, ten einde de wolven onschadelijk te

maken. Zoo lezen wij in _de kleine Keurboeken_ der stad Kortrijk (1586):

«Also myn heeren de hoochbailliu deser stede, metgaders de hoochpointers

ende vryscepenen van de cassellerie van diere, gheinformeert zyn van de

groote ende onsprekelicke schade, die de wolven in alle de prochiën de

aerme landlieden zyn doende... zo eyst, dat zy goed ende expedient

ghevonden hebben woensdaghe naest, metgaders noch de drie woensdaghen

naervolgende, te doen eene generale jacht in elke prochie van de

voorseyde cassellerie, opdat door zulk middel de voorseyde wolven

zouden moghen aehterhaelt ende betrapt worden, immers ten minste

verjaecht uit deze contreye.»

In het Ambacht van Veurne breide men het volgende jaar «wulvenetten.»

Verder betaalde men verscheidene «weynaers,» die, zegt de

kastelnijrekening, «wulven ghevanghen hadden.»

Talrijke spoorwegen doorsnijden de Vlaamsche Ardennen, en zullen onze

uitstapjes vergemakkelijken. Het zijn: de baan van Kortrijk naar

Oudenaarde, langs Stassegem, Deerlijk, Vichte, Ansegem, Elzegem en

Petegem; -- de baan van Kortrijk naar Ronse, langs Zwevegem, Moen,

Avelgem, Orroir, Amougies en Rozenaken of Russignies; -- de baan van

Oudenaarde naar Gent, langs Eine, Heurne en Asper; -- de baan van

Oudenaarde naar Zottegem, langs Eename, Munkzwalm en Rooborst; -- de

baan van Oudenaarde naar Ronse, langs Etikhove; -- de baan van

Oudenaarde naar Avelgem, langs Melden, Berchem en Ruien; -- de baan van

Ronse naar Zottegem, langs Opbrakel, Nederbrakel en Michelbeke; -- de

baan van Zottegem naar Geeraardsbergen, langs Erwetegem, Maria-Lierde en

Hemelveerdegem; -- de baan van Ronse naar Lessen, langs Ellezele en

Vloesbergen; -- de baan van Lessen naar Geeraardsbergen.

Van Oudenaarde naar Ronse stoomende, komt men door eenen onderaardschen

gang, die 420 meters lang is.

Reisjes in Zuid-Vlaanderen · 第 10 / 47 题