Toen ik het boek gelezen had, de veel geroemde levensschets,
Vroeg ik mij af: is dit dan wat de schrijver noemt een menschenleven?
En zoo zal iemand, ben ik dood en heen, beschrijven wat hij
noemt mijn leven?
Alsof iemand in waarheid iets weet van mijn leven,
Terwijl ik zelf vaak denk weinig of niets te weten van wat in
waarheid is mijn leven.
Een paar wenken, een paar sleutelwoorden en aanduidingen
Tracht ik in dit boek ten eigen nut te schrijven.