Mijn lied is voor het ik, is voor den mensch des eigen levens,
Maar van mijn lippen klinkt het woord Democratie, het woord
En-Masse.
Mijn lied geldt fysiologie van hoofd tot voeten,
Mijn muze is niet enkel gezicht, niet enkel ziel, ze is beiden
en dus meer dan ieder waard:
Mijn lied geldt dan het vrouwelijke volkomen even met het
manlijke.
O Leven onbedwingbaar in uw passie, polsslag, kunnen;
Kracht en Vreugde zijn uw namen, geroepen, gij, tot het vrije
doen door goddelijke wetten.
Mijn lied geldt den modernen mensch.