LENTE

Lente! o! albezielend machtwoord!

Op welks toonen alle boezems

Van genot en vreugde juichen!

Die de wolken rozekleurig

Schildert, en het vriend’lijk kluisje,

In een krans van loof verbergt.

Ik aanschouw met stille blijdschap,

Het herleven, het ontluiken,

Het ontwikkelen tot bloeien;

Ik sla met geroerde zinnen,

Rondom mij, ’t ontwaken gade,

Van het wonderrijk, Natuur!

Natuur en leven · 第 11 / 45 题