Ook Bob vouwde zijn handen, en zeide eerbiedig: "Amen!"

Louis stond nu gereed om te vertrekken, maar de zieke vraagde:

"Hebt gij dien vreemdeling al bedankt, man?"

"Ik zal Mijnheer wegbrengen naar het station," meende Bob, "en dan

in het dorp tegelijk inkoopen doen."

"Blijf maar hier," zeide Louis; "Pluto zal mij den weg wel

wijzen." Maar Bob was vast besloten mee te gaan. Trouwens hij was

bevreesd, dat Jim nog een aanslag zou kunnen doen.

Het weer was nu eenigszins bedaard; toch woei er nog een sterke wind,

en toen de eerste lichtstrepen van den dageraad zichtbaar werden,

hadden Wessels en zijn nieuwe vriend het spoorstation bereikt.

De Leeuw van Modderspruit Een verhaal uit den Engelsch-Zuid-Afrikaanschen Oorlog 1899-1900 · 第 9 / 30 题