Geestdrift kan alleen bestaan bij den Christen. Geestdrift d.i. in God
te zijn! En het kenmerk der ware geestdrift is, dat zij _blijft_.
Er bestaat ook geestelijke opwinding, die zich naar buiten openbaart in
een soort van vrome drukte. En wie nog weinig of geen ervaring bezit,
laat er zich licht door in de war brengen en ziet die opwinding voor de
ware geestdrift aan, die van boven is.
Die opwinding is gelijk aan het vuurwerk, dat voor een oogenblik door
zijn schittering het oog boeit, maar daarna in grooter duisternis
de toeschouwers achterlaat; de geestdrift is het rustig schijnend
hemellicht, dat door zijn glans den mensch verblijdt. De opwinding doet
denken aan het zaad, dat op eenmaal hoog opging en wonderveel deed
hopen, maar toen de zon ter middaghoogte steeg, en de zonnestralen
brandden en schroeiden, bleek het geen diepte van aarde te hebben en het
verdorde. De geestdrift is gelijk aan het zaad, dat in de goede aarde
viel, en lang verborgen bleef, maar straks te voorschijn kwam, gestadig
aan opwies en rijke vrucht droeg.
Velen waren er in Jezus' dagen, die vol schijnbare geestdrift tot Hem
kwamen, en zeiden: »Meester, ik zal U volgen, waar gij ook heengaat,«
maar wier geestdrift straks bleek slechts opwinding te zijn, want ze
ging voorbij, ze was niet blijvende, ze was niet tegen de beproeving
bestand. De echte geestdrift vinden wij in de eerste plaats in onzen
Heiland zelf, als Hij tot Maria spreekt: »Wist gij niet, dat ik moest
zijn in de dingen mijns Vaders!«
Dat is het heilige »moeten«, dat Hem gedragen en voortgedreven heeft
al de dagen zijns levens; waardoor Hij in staat is geweest weerstand
te bieden aan al de levensstormen, die boven zijn heilig hoofd zouden
losbarsten. En ieder waarachtig Christen bezit door Jezus' genade iets
van de heilige geestdrift, die in den loop der jaren niet dezelfde
blijft en nog minder afneemt, maar veeleer groeit en krachtiger wordt;
die misschien, naarmate de mensch toeneemt in ervaring, in andere vormen
zich openbaart, en andere wegen kiest dan de vroeger bewandelde, maar
dat alleen, omdat zij waarlijk levend is en daarom de oude vormen niet
de hoofdzaak acht.
Ieder, die zich aan Christus heeft verbonden, en dat misschien ook
openlijk voor de gemeente heeft uitgesproken, beproeve zich zelven, of
die heilige geestdrift zijn leven ook bestuurt.
En wie het besluit Jezus te volgen misschien al vele jaren geleden
genomen en uitgesproken heeft, vrage zich af, of zijn geestdrift
blijvende en toenemende was, en zijn leven daardoor gedragen en bezield
wordt.