ZWAARMOEDIGE KUNST UIT MAATSCHAPPELIJK OOGPUNT.

"Ik heb me dikwijls afgevraagd of het uit maatschappij-oogpunt misschien

niet beter was dat er heelemaal geen literatuur bestond. Ik weet niet of

't lezen van romans de menschen wel goed doet. Ik heb ook nooit iets

gezien van den veredelenden invloed van de kunst, waar de menschen het

soms over hebben. Is een kunstenaar dan zoo'n nobel mensch? daar heb ik

nooit iets van kunnen zien. Ik stel den kunstenaar volstrekt niet

hoog--mij zelf er bij. Maar de goeie werking die je van boeken kunt

waarnemen dat is tweeërlei. De eerste werking zou kunnen zijn dat de

menschen in hun leegen tijd misschien allerlei kwaad uitvoerden en nu op

een niet-kwade manier hun leegen tijd doorbrengen.

"En de tweede werking heeft meer betrekking op flinke, ware boeken, en

die is: dat de menschen er het leven uit leeren kennen. Ik bedoel

volstrekt niet alleen realistische boeken: sprookjes kunnen ook waar

zijn. Alleen: het werk mag niet gefabriekt zijn voor den smaak van het

publiek. Het moeten zijn boeken waarin de schrijver onbewimpeld geeft

zijn eigen opvatting van het leven: zóó zie ik 't! Waarbij niets wordt

weggelaten uit angst om de menschen te kwetsen, waarbij niets wordt

ingevoegd om de menschen te leeren of te prikkelen. Alleen zeggen: zóó

zie ik de menschen, moet de kunstenaar. Maar dan moet hij ook lezers

treffen die de stof weten te verteren, niet oppervlakkig lezen, geen

verkeerde gevolgtrekkingen maken, wat toch zooveel gebeurt. Maar in dat

geval kun je spreken van nuttige werking van kunst."

--"Om nu op mijn vraag terug te komen: denkt u dat het goed is, speciaal

in onzen tijd, boeken uit te geven die niet alleen pessimistisch maar

bovendien nog melancholisch zijn?"

--"Ja, ik kan aannemen dat dat niet goed werkt op de menschen. Maar

daarom zou ik om den drommel niet willen dat Coenen zijn mond hield. Dat

is misschien heel egoïstisch van me. Best mogelijk. Ik heb weinig gevoel

voor de gemeenschap in het algemeen."

De mannen van '80 aan het woord Een onderzoek vaar eenige beginselen van de "Nieuwe-Gids"-school. · 第 127 / 162 题