EMANTS ALS STUDENT.

Bovendien, het studentenleven: nóóit heb ik kunnen begrijpen het

gezellige daarin, in dat bij elkaar zitten om te drinken, in leelijke

tabaksrook ... ik kan niet tegen rook en rook ook zelf niet. In Leiden

hield ik op een gezellig mensch te zijn. Ja, ik weet 't wel: bij de

meeste menschen is het net anders om. Maar mij heeft het student-zijn

uit 't leven gejaagd. Die duffe localen van de professoren, dat van den

een naar den ander loopen door de vuiligheid en de kou', die aklige

kille banken in het academiegebouw, nee! daar kon ik niet tegen. Ik heb

dan ook niet afgestudeerd. Ik heb wel mijn candidaats gedaan. Maar toen

stierf mijn ouwe heer, mijn moeder vond het niet bepaald noodig dat ik

een titel haalde en toen ben ik direct op reis gegaan, de bergen in.

De mannen van '80 aan het woord Een onderzoek vaar eenige beginselen van de "Nieuwe-Gids"-school. · 第 105 / 162 题