INLEIDING.

Journalisten zijn gewend aan-, berusten ìn het feit, dat het wezen van

hunnen arbeid met het bestaan van de ééndagsvlieg overeenkomst vertoont.

Zij murmureeren niet over de oppervlakkigheid en de wispelturigheid van

het lezend publiek, dat heden met gretigheid grijpt naar de courant en

er figuurlijk den inhoud van verslindt, morgen ~letterlijk~ hetzelfde

doet, nadat het in diezelfde courant--in 't gunstigste geval!--zijn

kantoorboterhammen heeft gepakt. En verslaggevers vooral, zij die uit

den aard van hunnen werkkring maar te volgen, slechts bij uitzondering

te ~leiden~ hebben den stroom der publieke belangstelling, verslaggevers

vooral kennen de uiterst-tijdelijke waarde van hun werk, streven dan ook

veelal niet hooger dan dat hetgeen zij schreven zulke eigenschappen moge

bezitten, dat het éen... twee... drie dagen de belangstelling der lezers

ook inderdaad vasthoudt.

Het feit dat in dit boekje verslaggeverswerk in meer blijvenden vorm

gegoten is, zij dus niet beschouwd als gevolg van littéraire aspiraties

van den schrijver. Dit zou teleurstelling kunnen baren èn voor zijn

lezers èn voor hemzelf. Hij heeft alleen willen voldoen aan talrijke

verzoeken die hem bereikten, om met gebruikmaking van de door hem in het

_Algemeen Handelsblad_ gegeven verslagen een uitvoerig, samenhangend en

geïllustreerd verhaal te geven van de schipbreuk der »Berlin», van welke

wereldschokkende scheepsramp aan den Hoek van Holland velen in den lande

een blijvender herinnering blijken te willen bewaren, dan in

krantenknipsels te vinden is.

De schipbreuk van de "Berlin" 21 Februari 1907. Volledig verhaal van de scheepsramp aan den Hoek van Holland · 第 6 / 10 题