18. _Kultuur-emolumenten_. Deze zyn, wat de europesche ambtenaren
aangaat, afgeschaft. 't Spreekt vanzelf dat ik, die op de noodlottige
werking van deze perspompmekaniek gewezen had, niet genoemd werd by de
beraadslagingen over dat onderwerp. Of de maatregel overigens de
bedoelde verlichting voor den Javaan ten-gevolge heeft, valt te
betwyfelen, daar men verzuimd heeft de vaste inkomsten der europesche
ambtenaren in de binnenlanden te verhoogen. Ze zyn en blyven
_genoodzaakt_ diensten en leveringen van den Javaan te vorderen, die
nergens beschreven staan.
19. _Geheele distrikten uitgestorven van honger_. Waarschynlyk doelde
ik hier op den hongersnood die 't Regentschap _Demak_ en _Grobogan_
ontvolkte. Na '60 evenwel--en thans vooral niet minder dan vroeger--zyn
de berichten omtrent dergelyke kalamiteiten zoo menigvuldig, dat het de
moeite niet loont daarvan geregelde opgave te doen. De bewering dat er
op Java telkens hongersnood heerscht, is 'n _truism_ geworden. Wat
_Lebak_ in 't byzonder aangaat, daar waren ze geregeld-periodisch. Hierop
zal ik terugkomen.
20. _Aloen-aloen. Kraton. Kotta Radja_. De _aloen-aloen_ is 'n
uitgestrekt voorplein voor de groep gebouwen die de woning van 'n
Regent uitmaken. Gewoonlyk staan er op zoo'n plein twee statige
_waringi_-boomen, uit welker ouderdom blykt dat niet zy op den
_aloen-aloen_ geplant zyn, maar dat de regentswoning in hunne
nabyheid, en waarschynlyk juist dáár om die nabyheid, is opgericht.
Daar ik verzuimd heb op blz. 63 (twee alinea's ervoor, M.D.) een noot
te plaatsen by 't woord _Kratoon--Kraton, Kratoen, Keratoe-an_, om 't
even--wil ik die fout hier herstellen te-meer omdat ze my aanleiding
geeft tot het bespreken van zeker bedrog dat onlangs van officieele
zyde weder jegens 't nederlandsche Volk gepleegd is, en nog altyd by
sommigen z'n werking doet. Men heeft, om de atjinesche krygsbedryven
in 'n chauvinistisch licht te stellen, den _Kraton_ des Sultans van
Atjin doen voorkomen als 'n _vesting_ welker verovering zeker
schitterend succes beteekende. Ik gis dat er te Atjin nooit 'n _Kraton_
geweest is, en zelfs dat de Atjinezen dit _woord_ nooit gehoord hadden,
daar de _zaak_ zeer speciaal 'n Javanismus is. Doch ook wanneer ik me
hierin mocht bedriegen, een _vesting_, een "militair punt" is zoo'n
_Kraton_ gewis niet. Het veroveren van een _Kraton_ is 'n wapenfeit,
nagenoeg gelykstaande met het innemen eener omheinde of des-noods
ommuurde hollandsche buitenplaats. Als gewoonlyk hebben de
Bestuursmannen in deze zaak 't Volk weer gepaaid met 'n klank!
Ik bespeur dan ook dat men van-lieverlede 't woord _Kraton_ is gaan
overzetten in _Kotta Radja_, 'n woord dat met wat goeden wil als de
_Maleische_ vertaling van 't _Javaansch_ begrip: _Keratoean_ kan
worden opgevat, mits men niet met de Woordenboeken 't woord _Kotta_
overzette in stad--insulindische "steden" zyn er niet--maar opvatte
als: _woningsgroep_ of iets dergelyks, al of niet op zekere wyze,
_maar niet uit 'n oogpunt van versterkingskunst_, afgesloten. Dat dit
afsluiten soms in oorlogstyd geschiedt, is waar, doch dit maakt
_Kotta's_ en _Kratons_ evenmin tot vestingen als de Buitenplaats
waarvan ik zoo-even sprak. Dat wy, Europeanen, soms aan 'n versterking
in Indie den naam van _Kotta_ geven, is by gebrek aan beter, doch
verandert niets aan de waarheid dat het woord _kotta_ geen _vesting_
beteekent.
Er is dus geen vyandelyke _sterkte_ genomen by 't "betreden"--ik kies
dit woord met opzet--by 't _betreden_ van des Sultans _Kraton_ of,
zooals 't nu heet, z'n: _Kotta Radja_, d.i. z'n _vorstenverblyf_.
Vandaar dan ook de zonderlinge manier waarop die "verovering" plaats
greep. Onze bevelvoerende generaal bevond zich binnen de "versterking"
_zonder het te weten_. Dat de heer Van Swieten dit in een zyner
rapporten met den grootsten eenvoud getuigt, bewyst dat hy niet
medeplichtig was aan 't opzet--en dat hy niet deelde in de
ministerieele behoefte!--om de Natie zand in de oogen te strooien.
Maar uit het gelukken van dat opzet blykt alweer voor de duizendste
maal dat die Natie _niet lezen kan_! Want Van Swieten's oprecht en
zedig rapport werd gepubliceerd, en toch ... tòch moest het heten dat
er 'n _vesting_ veroverd was!
21. _Mantrie_: Inlandsch beambte wiens betrekking nagenoeg door 't
woord _Opziener_ kan worden aangeduid.
22. _Diplomatische voorzichtigheid in den omgang met Inlandsche
Hoofden_. Men vergeet gewoonlyk dat wyzelf voor 'n groot deel oorzaak
zyn van de dubbelhartigheid die wy de javaansche Grooten verwyten.
Onder hen is de spreuk in omloop: _valsch, als 'n Christen_. En deze
kwalifikatie klinkt zoo ongegrond niet, als men de slenters en streken
opmerkt, waarmee we, van Houtman af tot heden toe, ons hebben weten
staande te houden.
Wat my betreft, ik heb over 't algemeen de Inlandsche Hoofden niet
geveinsder gevonden dan Europeanen. En waarom zou dit ook? Het
diplomatisch axioom _que la parole est donnéé à l'homme pour déguiser
sa pensée_, is niet van aziatischen oorsprong. Of 't waar is dat
Talleyrand die bêtise gezegd heeft--_en ne déguisant nullement sa
pensée alors_, en dus nogal dom van z'n eigen standpuntje bezien!
--laat ik daar. De _ware_ diplomatie bestaat in oprechtheid.
23. _Westmoesson_. De regentyd duurt op Java van Oktober tot Maart. In
de Noord van Sumatra evenwel zyn de saizoenen andersom. Daar brengen
stormen uit het Westen hevige regens aan, juist in den tyd dat op Java
de gansche Natuur smacht naar wat vocht. Opmerkelyk is 't, dat de
Regeering te _Buitenzorg_ blyk gaf dit niet te weten. Zy zond de
befaamde eerste expeditie naar _Atjeh_, op 'n tydstip toen Horsburgh's
_Indian Directory_--en elke scheepsjongen van 'n kustvaartuig!--haar
had kunnen zeggen dat de Westkust van Sumatra zeer gevaarlyk was. Al
weer 'n staaltje van de gevolgen der kommiezery. Dat wil oorlog
voeren, en kent de eigenaardigheden van z'n eigen land niet!
Wat overigens dat verschil van saizoenen aangaat, op 't zuidwestelyk
deel van Sumatra schynen de jaargetyden in elkander te loopen. Te
_Padang_, byv. kan men niet op standvastig-periodieke winden, noch
alzoo op de daarvan af hangende regens of droogte staat maken.
24. _Sirie. Pinang. Gambier. Slamat_. De drie eerste woorden duiden de
bestanddeelen aan die, met _tabak_ en _kalk_, den voor den Javaan
onmisbaren _bétel_-pruim vormen. In sommige gewesten van Insulinde
ontmoette ik personen die niet pruimden, maar op Java zelden of nooit,
de vrouwen niet uitgezonderd. Het bruine sap van den tabak, iets
rooder gekleurd nog door de _gambier_, verft aller lippen en tanden.
Fraai staat dit niet, doch 't wordt voor zeer mondzuiverend gehouden.
Het gebruik van _sirie_--met toebehooren dan--is zoo algemeen, dat het
europeesch begrip: _drinkpenning_, in Indie wordt uitgedrukt door 't
woord _wang sirih_, d.i. sirie-geld.
De _Sirie_ is 't blad van een rank, niet veel zwaarder dan onze
erwtenplanten, en die zóó op 'n peperboompje gelykt, dat de onkundige
deze beide gewassen niet gemakkelyk van elkander onderscheiden kan. Ik
geloof dan ook dat ze tot dezelfde botanische familie behooren, al
mocht het zyn dat vakgeleerden die graag wat vreemds verkondigen--een
leeuw is 'n kat, en de walvisch mag geen visch heeten!--in die
overeenkomst reden vinden om _sirie_ en _peper_ heel ver van elkaar
te zetten.
Het verwondert me dat er in de tandheelkunde zoo weinig gebruik van de
_sirie_ gemaakt wordt. Me dunkt dat de zuiverende samentrekkende
werking van dat blad--en de smaak is niet onaangenaam--daartoe
aanleiding geven zou. Ik meen dat men aan de _gambier_ wèl 'n plaatsje
toekent in de europesche pharmakopee, maar weet niet of dit almede 't
geval is met de _pinang_ of _areka_. Dit is 'n noot uiterlyk niet zeer
ongelyk aan de muskaat. Doch de boom waaraan ze groeit, behoort tot de
palmsoorten.
Het woord _slamat_ beteekent: _groet_, en in dit geval het zeer
eigenaardig _kompliment_--samenvouwing--dat in den tekst beschreven
wordt. Vrage: is er verband tusschen 't maleische _slamat, selamat_,
en 't woordeke _Sela_ dat zoo vaak in de psalmen voorkomt? Men weet
dat volgens de riten van het Oosten, godsdienstige oefeningen bestaan
uit gebeden en gezangen, telkens afgebroken door velerlei gebaren en
_komplimenten_. Zoo-iets geschiedde misschien ook by 't voordragen der
psalmen, en deze gissing wordt versterkt door 'n opmerking over de
vermoedelyke nadere beteekenis van 't woord _slamat_ of _selamat_.
In-verband gebracht met _Slam_ of _Islam_--door letterverzetting
verwant met _mosl, muzl_: muzelman--zou misschien de oorspronkelyke
zin kunnen geweest zyn: de _plechtstatige_ of _ritueele_ groet; en dit
zou volkomen beantwoorden aan de beteekenis die 't woord _Sela_ in de
psalmen gevoegelyk kan gehad hebben. Maar ik geef de opmerking om beter.
25. _Maas_: adelyke titel die lager staat dan _Radhen_, doch soms ook
met dat woord tezamen gebruikt wordt: _Radhen Maas_. 't Woord _annak
maas_ beteekent een slaaf die niet gekocht maar in 't huis zyns
meesters geboren is, en heeft dus met den titel _Maas_ niet te maken.
26. _Kidang_: middelsoort hert. Veel kleiner, en niet grooter dan 'n
middelmatige hond, zyn de _kandjiels_, hertjes die uitmunten door
vlugheid en bevalligheid. Men beweert dat ze in opgesloten staat niet
in 't leven kunnen gehouden worden. De _kidang_ echter schynt, evenals
de meeste soorten van onze herten, zich makkelyk te schikken in 'n
omheind kamp.
27. _Pegang koedahnja toewan kommendaan_: hou 't paard van m'nheer den
kommandant vast!
28. _Klapperwater_. Dit is 't vocht dat men in Holland "kokosmelk"
noemt. Het is koel en frisch, maar wordt zelden gedronken. De
_klappa_, _kelappa_ of _kokos_ wordt, meestal geraspt, by 't bereiden
van spys in de keuken hoofdzakelyk echter tot het slaan van olie, maar
zelden als _ooft_, en nooit als _spys_ gebruikt. De vertellingen die
in kinderboekjes en in geleerde verhandelingen van vakmannen (zie
_Album der Natuur_) over den _klapper_ in omloop zyn, klinken koddig
in de ooren van iemand die in Indie geleefd heeft. Of de _kokos_ in
West-Indie 'n andere rol speelt dan in Insulinde, is my onbekend. Met
den _banaan_--insulindisch: _pisang_--is dit zeker 't geval, daar hy
op de surinaamsche plantages aan de negers tot voedsel wordt gegeven.
Dit is dan ook 'n zeer grove soort van 'n paar voet lang. De
middelbare soort in _Oost_-Indie haalt slechts zes duim, en een der
kleinste--de _pisang maas_ of _goud-pisang_, 'n fyn vruchtje--is niet
veel grooter dan een kinderpink, en zeer smakelyk.
29. _Gemberthee_: aftreksel van aan gemberwortel, dat zoo heet mogelyk
moet gedronken worden ... ter verkoeling. In India heerscht de meening
dat koude dranken, en vruchten die _in den mond_ een verfrisschende
werking doen, 't lichaam verhitten. Volgens 'n gelyksoortige stelling
werken de spaansche-pepersoorten _tjabeh_ en _lombok_--westindisch:
_cayenne_--verkoelend. Voor-zoo-ver ik in de praktyk heb kunnen nagaan,
zyn die meeningen niet ongegrond, maar vaak speelt in zulke zaken de
verbeelding haar rol.
30. _Vraag van een inlander aan den luitenant Duclari_. De heer Collard
--thans sedert lang hoofdofficier, en misschien gepensionneerd--zal,
des gevraagd, wel zoo goed zyn te erkennen dat ik ook hier de waarheid
zeg.
31. _Ienie apa toewan-toewan datang_: daar komen de heeren aan! De
_toedoeng_ is het in den vorm van een grooten ronden schotel
gevlochten hoofddeksel van den Javaan, en beschut zoowel tegen de zon,
als tegen den regen waarvoor de inlander bespottelyk bang is. Zeker
soort van tuinhoeden die onlangs by onze dames in de mode waren,
geleken precies op _toedoengs_.