Oosterland, of, zoo als het in een oud handschrift der Utrechtsche
kerk wordt genoemd, Oisteland, ligt zuidoostwaarts van Hypolitushoef,
op 52°55'55'' N. B. en 22°40'30'' O. L.
De kerk der Hervormden alhier, is zeer oud, en was vóór de Reformatie
gewijd aan den H. Michael, en verdeeld onder twee pastoors; terwijl
de begeving van beide pastorijen, alsook die van het kosterschap, den
Graaf van Holland aankwam, terwijl de bevestiging bij den Aartsdiaken
der Utrechtsche Domkerk gehaald moest worden. De opbrengst van iedere
Pastorij rendeerde, met de daaraan verbonden lasten, 40 Rhijnsche
guldens of 56 guldens Hollandsch. In 1839 werd aan deze kerk eene
belangrijke reparatie ten koste gelegd. Zij heeft eenen toren, doch
geen orgel; terwijl er vele zeer oude grafzerken in gevonden worden.
De hier wonende Doopsgezinden behooren tot de gemeente van
Hypolitushoef-en-'t Stroe, terwijl zij, die de R. K. Godsdienst
belijden, even als die van den Oever, tot de Statie van Wieringen
behooren.--
Zuidwaarts van Oosterland ziet men het onbeduidende gehucht
12. Oudgest, van waar men een aangenaam gezigt heeft op Hypolitushoef,
dat, van dien kant gezien, zich allerliefst voordoet.--
Noordoostelijk van Oudgest, ligt, aan den Gemeenen Landsweg, een
ander gehucht, 13. de Gest geheeten, van waar men, den evengenoemden
weg volgende, nadert aan het dorpje