Vijf kopjes bloem, 5 kopjes gekookt water, 5 geklopte eierdooiers,
5 geklopte eiwitten, 3 kopjes gesmolten boter, 1 theelepeltje zout,
1 lepel rozenwater, 1 à 2 lepels suiker, boter.
Bereiding:
Bij de tot schuim geklopte eierdooiers voegt men het meel, het water,
de gesmolten boter, het zout, het rozenwater en de suiker. Dit wordt
goed door elkaar geroerd, waarna men er het geslagen eiwit doorheen
mengt. Met dit beslag vult men de met boter bestreken vormpjes 3/4
vol, bakt ze eerst van onder, en, als ze beginnen te rijzen, ook van
boven met vuur gaar.