Anderhalve flesch bier, 3 of 4 eierdooiers, een weinig bloem, suiker
naar smaak, een bordje vol in dobbelsteentjes gesneden en bruin
gebakken brood, 4 gestampte kruidnagels.
Bereiding:
Men laat het bier koken, klutst de dooiers met de bloem goed door
elkaar, dat het niet klontert, en voegt dit, al roerende, met de
suiker bij het bier. Als men dit gerecht opdient, doet men eerst de
gebakken stukken brood in de terrine, strooit er de kruidnagels over
en giet er dan het heete bier op.
Men kan in plaats van het brood ook beschuit, in stukken, gebruiken.