275. GOELÉÏ KODJA II.

(Droge bereiding).

1 pond runderlappen, 1 lepel fijngestampte ketoembar, 1/2 lepel

fijngestampte djienten, 1 eetlepel fijngestampte rauwe rijst, een

klein handje vol klobet, 1 theelepel anijs, 4 à 5 kruidnagels, 1/2

stokje kaneel, een stukje foelie, 5 kleine uitjes, 5 schijfjes djahé,

2 lepels asem-water, 1 kopje santen, zout naar smaak, klappe rolie.

Bereiding:

De runderlappen worden eerst met asem-water en met zout ingewreven,

daarna even opgebraden. Hierna worden de specerijen met de rijst en

de klobet bij elkander fijngestampt en het vleesch hierin gewenteld,

dan weder samen opgebraden met de opgegeven hoeveelheid santen,

tot de olie er uitkomt.

Nieuw volledig Oost-Indisch kookboek recepten voor de volledige Indische rijsttafel, zuren, gebakken, vla's, confituren, ijssoorten · 第 298 / 1109 题