(Erwtjes).
Een bord vol erwtjes, 2 kopjes gepelde garnalen, 3 uitjes, 3
sioongs bawang-poetih, 1 of 2 lomboks, eenige schijfjes laos, 1
theelepel trassie, 1 theelepel zout, 2 eetlepels asem-water. Boter
of klapperolie. 1 of 2 kopjes santen.
Bereiding:
De kruiden worden eerst fijngestampt en daarna in boter of olie
opgebraden met de rauwe garnalen; vervolgens doet men er het asem-water
en de erwtjes bij, zoomede de santen, dekt den pot dicht en laat dit
gaar koken, men zie toe, dat dit gerecht niet te droog kookt.