Ruim een jaar nadat Janssen van zijn uitstapje te huis is gekomen, en
aan zijn Sanne een weinig anders dan van 't grootsche der zee heeft
verhaald, met de bijvoeging alleen, dat ie niet kan begriepen, hoe
'en mins die dukkels de groote zee ziet, kleingeistig kan wêzen,--ruim
een jaar na die thuiskomst, ontvangt de Betuwnaar tegen den avond
een brief van den volgenden inhoud:
Zeer Waarde en Hooggeachte Neef!
Terwijl wij ons steeds met het meeste genoegen den dag onzer
eerste kennismaking herinneren, en ons met niet minder genoegen uw
aangenaam bezoek ten onzent te binnen brengen, betreuren wij het
inderdaad dat wij niet nogmaals de voldoening mochten hebben om u
in onze woning te ontvangen. Hoe bijzonder uw komst ons op zich
zelf ook verblijden zou, wij moeten u echter ronduit verklaren,
dat wij niet in staat zouden zijn, om u een voegzaam nachtleger
aan te bieden. Weet, zeer waarde Neef, dat wij sedert ons laatste
samenzijn een andere en veel kleinere woning hebben betrokken. Een
samenloop van omstandigheden--inzonderheid door de u bekende, laatste,
en algemeene financieele crisis veroorzaakt,--deed ons besluiten om
tot deze en meer andere bezuinigingen over te gaan. De schrikbarende
daling der effecten waarop ik vertrouwde, en tot aankoop waarvan ik
zekere gelden gebruikt had, brengen mij zelfs in dezen oogenblik in
de bitterste verlegenheid. Zeer ongaarne zoude ik mij in dezen, tot
iemand anders dan tot u wenden, die, behalve de familiebetrekking,
waarin u tot mijne vrouw staat, ons de bewijzen uwer sympathie
zoo dikwijls en op het duidelijkst hebt geschonken. Ik neem dan
de vrijheid, zeer Geachte Neef, om u beleefdelijk maar dringend te
verzoeken, mij de som van tweeduizend vier honderd gulden tegen een,
door U te bedingen interest te willen leenen en zoo mogelijk binnen
drie dagen toe te zenden. De eer en het geluk mijner familie hangen
in deze van uwe beschikking af. Stel mij wat ik u bidden mag niet te
leur; verblijd mij met de toezending van de gelden, en geloof dat ik
altijd zal blijven Hooggeachte Neef!
Uw zeer Dw. Dr. en Neef, C. Van Middelnesse.
's Hage, 3 Nov. 18..
PS. Verzoeke onze hartelijke groeten aan uw waarde echtgenoote,
onze nicht, en uw lieve kinderen.
En de Geldersche neef--hij ging is kuieren; en 't goeng krek in zien
borst asof 'r twee oan 't kibbelen woaren; neen--joa--neen--joa!
Toen Janssen thuus kwiem vond moeder dat ie stil was.
Véur 't noar bed goan las ie 'en kapittel uut den Biebel. 's Nachts
sliep ie gerust; en 's anderdoags--toen sloot ie twee pampierkes
van duuzend, en vier van honderd in 'en brief, en schreef 'r de
woorden bij:
"Met groete.--Verzoeke kwitantie.--In effect speculeere is
gevaarlijk. In groote haast.
Uw Dw. Dienaar, G. Janssen.
B. 4 Nov. 18..
Zoo deed de Betuwsche Neef. En Van Middelnesse--hij lachte toen hij
die uitkomst ontving. En zijn gade, ach, ze kreeg zoo'n vreeselijke
hoofdpijn dat zij inderdaad werk had om haar oogen _naar boven_
te slaan.