REISGELEGENHEDEN

Men vaart geregeld met de Weesper en Muider schuiten, dagelijks, tot

aan de Diemerbrug, daar dezelve schuiten een weinig tijds vertoeven:

Diemen heeft ook een eigen schipper, die tweemaal ’s weeks, maandag en

vrijdag, visa versa vaart, bezorgende vrachtgoederen en andere

benodigdheden voor de Ingezetenen: nog vaart er ’s zondags ’s morgens

ten 8 uure, een kerkschuit, van de Tolbrug in de Meir, na Diemen, zo

tot gemak voor de bewoonders van de Meir als andere lieden die begeeren

te Diemen in de kerk te gaan, vertrekken de zelve schuiten wederom

terug met het uitgaan van de kerk, en voor de geene die begeeren te

wandelen, gaat men door de Meir tot aan Diemerbrug, of den Diemerdijk

langs tot aan den afloop na Diemen, waarna men in een quartier uurs op

het dorp kan weezen.

De Nederlandsche stad- en dorpbeschrijver, Deel 3 (van 8) · 第 132 / 455 题