DE BUITENVELDERSCHE POLDER, OOK DE BUITENVELDERT GENOEMD.

In deeze polder zijn zeer weinige wooningen, boerderijen, en tuinen;

het eenige dat daarvan gezegd kan worden, is dat er eene Roomsche kerk

gevonden wordt, die bediend wordt door den Wel-eerwaarden Heere

Everardus Bernardus Cramer: de bewooners deezer polder hebben door de

Pruissen mede zeer veel geleden.

Hier bij moeten wij nog voegen den nieuwen weg, welke van het groote

loopveld tot aan Amstelveen loopt; en langs welken eenige

boerewoningen, even als aan den Bijlsenvelderschen weg gevonden worden:

omtrent in het midden van deezen nieuwen weg ontmoet men de Karsselaan,

welken naar de Karssebrug strekt, en verder naar Rietwijker oord, dat

beide kleine gehuchten van boerenwoningen zijn, die kerklijk onder

Amstelveen, doch wereldlijk onder Kennemerland behooren.

De Nederlandsche stad- en dorpbeschrijver, Deel 3 (van 8) · 第 105 / 455 题