REISGELEGENHEDEN.

Aan den Overtoom voornoemd, vertrekt alle dagen een kaag op Leiden:

Maandag, Woensdag en Vrijdag vertrekt van daar ook een schip naar

Aalsmeer; alle dagen vaart een vragtschuit vise versa op Amsteldam, en

des Zomers Zondags en Maandags, een volkschuit, heen en weêr, zo

dikwijls er volks genoeg is, naar den stads buitencingel.

Achter de stille zijde van den Overtoomschen weg, liggen nog

verscheidene paden, als het Jan Hansen, het Winslauer, het Nieuwe

Tuinpad enz., die allen digt bebouwd zijn.

De Nederlandsche stad- en dorpbeschrijver, Deel 3 (van 8) · 第 103 / 455 题