II.

Het eigenaardige plaveisel in Madera en de veelal zeer steil naar boven

gaande straten hebben waarschijnlijk aanleiding gegeven tot de zeer

bijzondere middelen van vervoer, waarvan men zich hier bedient. Heel

Madera is geplaveid met eivormige, eigroote steentjes, wier ronde

rugjes door het gebruik soms zeer glad en glibberig zijn. Ook liggen

zij niet in een vlakke lijn, zooals bij ons de bestrating... zou

moeten zijn, doch niet altijd is..., maar in geregelde golfvormige

hoogten en laagten. Vandaar, dat men met gewoon schoeisel hier niet

kan loopen, doch zich het best bedient van een soort tennisschoen

met gummi zolen. De bevolking, voorzoover zij niet blootsvoets gaat,

draagt een zeer elegante losse laars van wit of geel leer, waarvan

de zolen uit één stuk gemaakt zijn. Het is een aardig gezicht,

honderden van deze witte of gele laarzen, van allerlei grootte,

des Zaterdagsmorgens op het marktpleintje uitgestald te zien, als de

makers van dit bijzondere schoeisel uit alle hoeken van het eiland

komen opdagen om hunne producten aan den man te brengen.

Om uitstapjes te maken of ook zelfs als men in Funchal eenige

bezoeken wil brengen, bedient men zich van de reeds vroeger door mij

beschreven mandensleetjes, waarvoor twee ossen zijn gespannen. Deze

mandensleetjes hebben een leeren dak en rondom witte gordijntjes;

als men deze gordijntjes een beetje op zij schuift, zit men er

in als in een hokje van een wafelkraam. Heel elegant en voornaam

ziet zoo'n equipage er niet uit. Met zoo'n voertuig gaat men steile

straten op. Voor het afgaan bedient men zich van een geheel ander

middel van vervoer, die men hier toboggans noemt. Het zijn sleetjes,

maar ze gelijken in geen enkel opzicht op de sleetjes, waarvan men

's winters in bergstreken gebruik maakt om van een hoogen sneeuwbaan

naar beneden te sullen. Het zijn ook al weer lage rieten bankjes,

waar twee of drie personen tegelijk op kunnen plaats nemen, en die

van onder rusten op het benedenstel van een slede. Op zoo'n bankje

gaat men zitten en laat zich naar beneden glijden, aan beide zijden

geflankeerd door een paar mannen, die zorgen, dat men in de goede

richting blijft. Naast deze twee prachtige vervoermiddelen is er een,

die het in comfort wint. Het zijn de hangmatten, die door twee mannen

op de schouders gedragen worden. Vooral voor groote tochten op de

bijna onbegaanbare bergwegen, zit of ligt men in zoo'n hangmat recht

genoegelijk. Als de tocht echter wat te lang duurt dan moet men nu

en dan een poosje loopen, anders houden de beenen het niet uit.

En nu komen er ook reeds zeer primitieve auto's, die in de stad

of langs de zee rijden, want het is te gevaarlijk om met deze

primitieve voertuigjes de steil oploopende, gladde bergstraten op

of af te gaan. Voor groote uitstapjes kan men zich ook zeer goed

van paarden of muildieren bedienen. Er is dan steeds een gids bij,

die geen oogenblik zijn paard uit het gezicht verliest. Er zijn

echter slechts een paar paarden in heel Funchal, zoodat men niet

ten allen tijde er over beschikken kan. Als een ander clubje op

denzelfden dag een uitstapje maakt, dan moet men eenvoudig wachten,

want dan zijn de paarden genomen. De keerzijde van al deze primitieve

eigenaardige middelen van vervoer is, dat zij zoo kostbaar zijn. Men

kan in Amsterdam met een mooie landauer met twee paarden een paar

uur gaan toeren, en betaalt dan nog niet de halve prijs wat hier

een ossenwagentje of een hangmat voor een paar uur kost. En het

is goedkooper van Madera naar Londen te reizen, dan hier voor een

uitstapje van een dag zich van een hangmat of paard te bedienen. Men

hoopt dat de nieuwe regeering ook voor den aanleg van wegen zal zorgen,

zoodat Madera begaanbaarder wordt en er trams en electrische baantjes

zullen komen, om het verkeer te bevorderen.

Vroeger bezat Madera zelfbestuur. De belastingen die door de

burgers werden opgebracht, konden ten voordeele van Madera worden

aangewend. Nog onder de vroegere regeering is hun echter dat

zelfbestuur ontnomen. Zij hebben nu rijksbelastingen op te brengen

en moeten afwachten, wat van regeeringswege voor het eiland zal

worden gedaan. De vier volksvertegenwoordigers, die Madera naar

het parlement zendt, moeten daar voor de behartiging van Madera's

belangen opkomen. Van de thans gekozenen schijnt niet veel heil te

wachten. Portugal bezit thans algemeen mannenkiesrecht,--misschien

zal blijken, dat ook algemeen vrouwenkiesrecht bedoeld is,--ieder

die den leeftijd van 21 jaar bereikt heeft, niet in de gevangenis

zit en niet onder curateele staat, kan kiezen. Nu zijn hier zeer

beslist de intellectueelen in de minderheid, als men maar nagaat, dat

men met zekerheid kan zeggen, dat de analphabeten 85% zoo geen 90%

van de bevolking uitmaken en dat deze menschen voor een deel geheel

onder de plak van de grondeigenaars zitten of onder de leiding der

priesters staan, wat vrijwel op hetzelfde neerkomt. Wat kan men in

zoo'n geval van den uitslag der verkiezingen verwachten!

Van organisatie onder het werkvolk is hier geen sprake. Hoe zou dat

ook kunnen, bij zoo weinig geestelijke ontwikkeling. Daarbij komt, dat

de huisindustrie hier nog hoogtij viert. Slechts weinige fabrieken en

groote werkplaatsen treft men aan. Een groote suikerfabriek is er. Die

behoort een Engelschman toe. Daardoor is de teelt van suikerriet in de

laatste paar jaren zeer toegenomen en zal hier waarschijnlijk spoedig

een zeer grooten omvang aannemen. Dat mag ook wel, want met den verkoop

van Maderawijn en dientengevolge met de fabricage er van, gaat het

steeds slechter. Over de geheele wereld schijnt de Maderawijn zijn

roem overleefd te hebben. Verder levert Madera zeer goed mandenwerk,

dat voornamelijk in een dorpje, Santa Anna genaamd, door mannen

en vrouwen thuis gemaakt wordt. En als ik nu nog het borduurwerk

der vrouwen opsom, waardoor Madera in de geheele wereld bekend is,

dan is daarmede alle industrieele arbeid genoemd, want wat er verder

geproduceerd wordt is het noemen niet waard en dient alleen voor het

gebruik der eilandbewoners en enkele kooplustige vreemdelingen.

Een ding is hier vreeselijk te betreuren en dat neemt veel weg van

de charme van Madera. Het staat echter geheel in verband met het

lage peil van ontwikkeling der bewoners en zal zeer zeker verdwijnen,

wanneer door betere scholen en door verbetering der sociale misstanden

een hoogere geest in de bevolking komt. Mannen, vrouwen, kinderen,

alles en allen bedelen hier! Zelfs een kind, dat nog niet praten kan,

heeft reeds geleerd zijn handje uit te steken en een biddend gezichtje

te trekken, zoodra iemand passeert. Doordat bijna alle kinderen hier,

zoo te zeggen, naakt loopen en lekkere, vuile gezichtjes hebben, kan

men moeilijk weten of armoede of gewoonte de hand doet uitsteken. Zelfs

vrouwen en meisjes, die zitten te borduren en wier huisjes en kleeding

een zekeren welstand doen vermoeden, zullen toch de hand voor een

penny uitsteken en een klagende stem opzetten, als men hen maar een

oogenblik aandacht schenkt.

Een vrouwenbeweging verwacht men natuurlijk in Madera niet; maar toch

zoo weinig als de zoogenaamd ontwikkelde vrouwen hier weten van hetgeen

onder de vrouwen in andere landen,--en zelfs in Portugal,--voorvalt,

dat gaat alle grenzen te boven. Ik heb hier reeds met zeer vele mannen

kennis gemaakt en voel mij in de straten van Funchal als een oude

bekende, doch nog geen enkele man of vrouw, die ik ontmoette, wist

eigenlijk iets van het feit, dat dr. Angelo in Lissabon, als eerste

vrouw, bij de laatste verkiezingen gestemd had en als kiezer op de

kiezerslijst was ingeschreven. Toch vinden zij het van zelf sprekend,

dat als iedere man van 21 jaar het kiesrecht mag uitoefenen, iedere

vrouw dat recht dan ook zal moeten hebben. Wat de vrouwen evenwel

met het kiesbiljet zouden moeten uitvoeren, dat weten zij al evenmin

als de mannen het hebben begrepen. Waar ik zeker het allerminst had

vermoed, dat ik over vrouwenkiesrecht zou spreken, daar kreeg ik

er zeer ongezocht een gereede aanleiding toe. Ik was namelijk in het

"Empress hospital", een ziekenhuis voor teringlijders, door de keizerin

van Brazilië in 1853 gesticht, ter nagedachtenis van haar aldaar aan

tuberculose gestorven dochtertje. Na den dood van de keizerin van

Brazilië viel deze instelling als erfdeel haar zuster, de koningin van

Zweden, ten deel. Vandaar, dat dit sanatorium onder Zweedsche protectie

staat en de katholieke zusters van de orde van St. Vincentius, die

er de alleenheerschappij voeren, door de Portugeesche regeering niet

kunnen worden weggestuurd. Toen ik daar, na afloop van het bezoek,

wat handwerkjes kocht, bij wijze van gift voor de instelling, werden

deze gewikkeld in een blad van "Votes for Women", (voor lezers, die

het niet mochten weten, zij hier vermeld, dat dit het weekblad van

de suffragettes van Londen is), en toen ik zuster Claire vroeg of dit

blad bij hen gelezen werd, gaf zij mij een bevestigend antwoord. Een

Engelsche verpleegster, die vroeger langen tijd bij hen verpleegd had

en tot de suffragettes in Londen behoort, zond hen geregeld wekelijks

het blad toe, dat daar met groote belangstelling gelezen wordt.

Van het hospitaaltje zelf wil ik hier ter plaatse niets anders zeggen,

dan dat het netjes en zindelijk onderhouden wordt, doch dat het niet

meer voldoet aan de nieuwe eischen, die men aan een herstellingsoord

voor tuberculose stelt. Het gebrek aan genoegzame hoeveelheid lucht

en licht in de ziekenkamers wordt evenwel voor een deel vergoed,

doordat de zieken bijna den geheelen dag in den grooten tuin in de

open lucht kunnen doorbrengen. Of daarvan echter het noodige gebruik

wordt gemaakt, waag ik niet te zeggen.

Vóór ik mijne brieven over Madera sluit, wil ik nog even met een

enkel woord de bijzondere hoffelijkheid en voorkomendheid vermelden

der bewoners, vooral uit de hoogere kringen. Ik heb nog in geen

land zooveel ware beleefdheid en voorkomendheid opgemerkt. Zij doen

het alles zoo eenvoudig en op zoo'n wijze, dat men zich heel niet

bezwaard gevoelt, de beleefdheden te accepteeren. Het is alsof

zij het voor eigen genoegen doen. Zonder de zoon des huizes hier

in het hotel, zouden wij zeker niet zooveel hebben kunnen zien en

doen in den korten tijd, dat wij hier zijn. Hij helpt ons in alles,

maakt plannetjes voor nieuwe tochten en begeleidt ons als wij het

wenschen. Hij bracht veertien jaren in verschillende landen door en

spreekt alle talen. Wij hebben zeer den indruk, dat hij het prettig

vindt met ons uit te gaan, maar 't kan even goed zijn, na 't geen wij

hier van anderen ondervonden, dat hij uit buitengewone voorkomendheid

dien schijn aanneemt.

Morgenochtend komt de "Saxon" en moeten wij dit heerlijke oord

verlaten. Ik ben overtuigd, dat ik steeds met een gevoel van heimwee

aan Madera zal terugdenken.

Reisbrieven uit Afrika en Azië benevens eenige brieven uit Zweden en Noorwegen · 第 21 / 133 题