30 Nov. 1813.–24 Augs. 1865.

„HET DANKBARE VOLK”.

Aan land gekomen, stapte de Prins in een open rijtuig, waarin Van Styrum

gezeten was en reed onder het gejubel der menigte naar 's-Gravenhage,

waar de vorst bij Van Styrum zijn intrek nam. Een ieder, die wilde,

mocht daar den vorst verwelkomen en de hand drukken. Gelukkiger

ontmoeting na jaren heeft wellicht nimmer plaats gehad, dan die van den

Prins van Oranje en het Nederlandsche volk op 30 Nov. 1813.

[Illustratie: LANDING VAN DEN PRINS TE SCHEVENINGEN.]

De vorst wilde reeds den 30 Nov. naar Amsterdam vertrekken, doch

hem werd dit afgeraden. De Russische generaal Benkendorf was met 2400

man en 6 kanonnen over de Zuiderzee naar Den Haag getrokken, na vooraf,

gelijk wij zagen, Muiden bemachtigd te hebben. In Den Haag bevonden

zich nu ook de Engelsche minister Lord Clancarty en de Pruisische

generaal Bulow. Den 1 Dec. hielden nu de Prins, Lord Clancarty, Von

Bulow en Benkendorf krijgsraad, waarin de militaire operatiën werden

vastgesteld en de Prins een proclamatie uitvaardigde, waarin hij

verklaarde:

„Al het verledene te vergeten en te vergeven” en hij het

Nederlandsche Volk opriep, „om zich met hem ter bevestiging

der onafhankelijkheid te vereenigen.”

Toen deze proclamatie te Amsterdam werd bekend gemaakt, vaardigde

Fannius Scholten er ook eene uit, waarin deze verklaarde, dat wij in den

Prins van Oranje niet „Willem den zesden” huldigden, van wien wij niet

wisten, wat wij van hem verwachten moesten, maar „Willem den Eersten”,

die evenals de vroegere Willem I, ons volk bevrijden zou van vreemde

heerschappij.

Napoleon toonde zich woedend, toen hij den afval van Holland vernam. Hij

dreigde het land aan den Oceaan prijs te geven, zond den bekwamen Carnot

naar Antwerpen, om de belegering dier vesting te leiden en eischte van

zijn troepen in België en de Nederlanden, om stand te houden.

Intusschen verklaarde Prins Willem van Oranje te Amsterdam de hem

aangeboden Souvereiniteit aan te nemen onder den waarborg eener

Constitutie, die de volksvrijheid tegen misbruik van gezag in toekomende

tijden zou beveiligen. Den 1en December 1813 werd de Prins nu te

Amsterdam tot Souverein vorst van Nederland uitgeroepen.

In weerwil van de lijdelijke houding van verschillende stedelijke en

gewestelijke besturen was dan toch, dank zij het kloeke en doortastende

optreden van enkele moedige mannen, de omwenteling in ons land tot

stand gekomen en daardoor aan de verbonden mogendheden een veldslag

uitgewonnen. Ook was daardoor de gemeenschap met Engeland hersteld en

aan de Gealliëerden de toegang tot Frankrijk aan de vlakke en dus minst

verdedigbare zijde gebaand.

God redde Nederland gedenkschrift bij gelegenheid van het honderd-jarig jubileum van Neerlands herkregen onafhankelijk volksbestaan (30 Nov. 1813 - 30 Nov. 1913) · 第 24 / 39 题