[1] De Servische nationale barden.
[2] Haïdooks--dolende ridders.
[3] Een primitief instrument met een snaar, dat in elk Servisch huis
wordt gevonden.
[4] Mussachi's gedenkschrift in Karl Hopf's Chroniques Graeco-Romaines.
[5] Tchech is een beter synonym voor het onjuiste Bohemer.
[6] In 't Servisch Pepelyouga, waarin pepel, of--met als o uitgesproken
l--pepeo, beteekent sintel of asch; ouga, dat het achtervoegsel is,
komt in beteekenis overeen met het Engelsche one of het Italiaansche
ella.
[7] Zie _Servische conversatie spraakkunst_, door Woislav M. Petrovitch
uitg. Julius Groos, Heidelberg, 1914 (Londen: David Nutt, 212
Shaftesbury Avenue, W.C.), Inleiding pp. 1-8.
[8] Dit was een van de vele eerbewijzen, die de boer, welke zich zelf
gevormd had, ontving. Hij werd door de universiteit te Jena tot doctor
honoris causa benoemd. Later werd hij medewerkend of eerelid van de
meeste Academies van Wetenschappen in Europa; de hoogste orden van de
in Servië regeerende vorsten werden hem geschonken, en de keizers van
Oostenrijk, Rusland en Duitschland vereerden hem met gelijke bewijzen
van hun gunst.
[9] Protestanten van de Grieksch orthodoxe kerk, die zich later in
Bosnië vestigden.
[10] Zie het gedicht: "Tsaar Ourosh en de Edelen of De Koninklijke
Prins Marko vertelt aan wien het keizerrijk zal behooren."
[11] De titel komt overeen met dien van prins.
[12] "Ban" is de oorspronkelijke titel van de regeerders van Bosnië.
[13] Voïvode beteekende oorspronkelijk "leider van een leger" of
"generaal". Als adellijke titel komt het overeen met het Engelsche
"Duke" dat, afgeleid van het Latijnsche dux, dezelfde wortelbeteekenis
bezit.
[14] De mannelijke leden van een Servische familie blijven na hun
huwelijk in het ouderlijk huis wonen. Indien het huis te klein is, om
het jonge paar te huisvesten, wordt het familiehuis met een bijgebouw
vergroot. Op deze manier kan het huis tot in het oneindige uitgebreid
worden en het is bekend, dat wel tachtig leden van een familie samen
hebben gewoond. Zulke familievereenigingen worden "zadrooga" genoemd.
[15] Een van de hoofdpersonen in het drama van koning Nikita "_De
Keizerin van de Balkanstaten_" is een krijgsman, genaamd Peroon.
[16] Zie Prins Marko en de "Veela" bladz. 104.
[17] Zie De dood van "Marko" bladz. 117.
[18] Zie "Het bouwen van Skadar" bladz. 198.
[19] Monnik Marcus van Seres: Zêtêsis peri boulcholachôn, ed. Lambros;
Neos Hellênomnêmôn I (1904) 336-352.
[20] Pleiaden zijn ook bekend onder den naam Sedam Vlashitya.
[21] Zie "De Tsarina Militza en de Zmay van Yastrebatz" bladz. 130.
[22] Een Servisch woord van Turkschen oorsprong.
[23] Deze persoon is gewoonlijk een broer of een zeer intieme vriend
van den bruigom. Hij komt eenigszins overeen met den bruidsjonker,
maar zijn functies zijn gewichtiger, zooals blijken zal.
[24] Bosschen werden tot kort geleden beschouwd als gemeenschappelijk
eigendom. Zelfs in onze dagen staat het iederen boer vrij een
Badgnak-boom te hakken in welk bosch hij wil, al is het 't eigendom
van vreemdelingen.
[25] Aangehaald door den historicus Leopold von Ranke.
[26] Een instrument, dat eentonige, dreunende geluiden voortbrengt en
dat in veel opzichten op een lier gelijkt. In den ouden tijd werd dit
instrument bespeeld door minstreelen boven de dertig jaar. Jongere
mannen speelden fluit, viool of een soort doedelzak.
[27] Ten einde te illustreeren hoe vast dit geloof in geheel Servië
wortel heeft geschoten, haalt de schrijver het volgende uit zijn
artikel (verkort) aan: "Hoe een Servische Prins uit de veertiende
eeuw in den laatsten oorlog op een wonderlijke wijze een overwinning
behaalde." _The International Psychic Gazette_ Mei 1913.
"Toen wij verleden jaar den 15den November te Skoplye (Uskub) kwamen,
gaven de Servische officieren een betrekkelijk kostbaar feestmaal in
hun kazerne ter eere van den generaal-chirurgijn Bourke en de twee
Britsche afdeelingen van het Roode Kruis, bij welke gelegenheid de
bejaarde generaal Mishitch ons het volgende voorval vertelde uit den
slag van Prilip, die een paar dagen te voren was geleverd.
"Onze infanterie had voor dien slag, welke eenig is in de
geschiedenis der veldslagen, het bevel gekregen een geforceerden
marsch te maken. Zij moest aan den voet van den berg Prilip, waarop
eens het kasteel van Marko stond, wachten op de uitwerking van onze
artillerie, die zoowel in aantal als in hoedanigheid, die der Turken
overtrof. Zij was gewaarschuwd het fort vooral niet te bestormen,
voordat het bevel daartoe door den opperbevelhebber gegeven was. Dit
was volstrekt niet overbodig, want onze soldaten hadden kort te voren
verscheidene slagen met de punt van de bajonet gewonnen en waren er
van overtuigd, dat niets de Turken zoo kon verschrikken als het gezicht
van de glinsterende bajonetten der Servische troepen. Ook wisten zij,
dat enkel het geroep _Na noge!_ van de Bulgaren, voldoende was geweest
om de Turken bij Kirk-Klissé en Lülé Bourgass op de vlucht te jagen.
"Gedurende den vroegen morgen hield de infanterie zich rustig,
maar reeds bij de eerste kanonschoten merkten wij een ongewone
beweging onder onze troepen en spoedig daarna hoorden wij een woest
geschreeuw en zagen wij hen als wolven regelrecht op het kasteel van
den koninklijken Prins Marko aansnellen. Ik kon hooren, hoe kapitein
Agatonovitch hen beval te blijven staan en het sein tot den aanval
van den generaal af te wachten.
"Toen de troepencommandanten zagen, dat discipline machteloos
bleek, beproefden zij te vergeefs een beroep te doen op het gezond
verstand van de soldaten. Zij voorspelden hen een zekeren dood,
indien zij tenminste de uitwerking der artillerie niet afwachtten,
maar hun woorden werden overstemd door het gebulder van het Turksche
belegeringsgeschut en de mitrailleuses, en onze soldaten liepen
regelrecht het vuur in, waar zij bij dozijnen schenen te vallen! Het
was een afschuwelijk gezicht. Ik was niet in staat mijn manschappen
tot staan te brengen. Mijn bloed stolde, ik sloot mijn oogen. Een
rampzalige nederlaag! Demoraliseering van de andere troepen! Mijn
eigen degradatie was zeker!
"Na een poosje hield onze artillerie op met vuren, daar zij anders de
eigen troepen gedood zou hebben, die nu de bajonetten kruisten met de
Turksche infanterie. Eenige oogenblikken later zagen wij de Servische
nationale kleuren van den slottoren van het kasteel van Kralyevitch
Marko wapperen. De Turken vluchtten in de grootste wanorde. De
overwinning onzer troepen was even volkomen als snel geweest!
"Toen wij iets later op het tooneel van den strijd kwamen, werd er een
parade bevolen. Na het appel merkten wij, dat ons verlies betrekkelijk
onbeteekend was. Ik prees mijn helden voor hun dapper gedrag, maar
berispte hen scherp over hun ongehoorzaamheid. Bij mijn laatste
vermanende woorden riepen die duizenden soldaten als uit een mond:
'_Kralyevitch Marko beval: Voorwaarts! Heeft u hem niet gezien op
zijn Sharatz?_'
"Het was mij duidelijk, dat de overlevering van Kralyevitch zoo diep in
het hart van deze eerlijke en heldhaftige mannen was gegrift, dat zij
in hun levendig enthousiasme de incarnatie van hun held hadden gezien.
"Ik zond de troepen weg en beval hun de geheele week een dubbel
rantsoen voedsel en wijn te geven. Elke tiende man ontving een
'_Medalya za Hrabrost_' (medaille voor moed)."
[28] Tabor is een Turksch woord en beteekent leger of kamp.
[29] Andere barden zeggen "Gratchanitza".
[30] Despoot was een eeretitel van de Byzantijnsche keizers, daarna
van de leden van hun familie, die naderhand als ambtstitel overging
op hun vazallen en gouverneurs. In rang volgde de despoot onmiddellijk
op den koning.
[31] Divan is een Turksch woord voor "Senaat".
[32] Koula is het Servische woord voor "Kasteel".
[33] Istamboel is de Turksche naam voor Konstantinopel.
[34] Firman is een Turksch woord voor keizerlijken "brief" of
"decreet".
[35] Met tovar, een Servische maat, werd een hoeveelheid bedoeld,
die een normaal paard op zijn rug kan dragen. Het is nu een verouderde
term.
[36] Dervish is een kerkelijk ambtenaar bij de Mohamedanen. Voor den
ongeloovige is het een scheldwoord.
[37] Wat in 't Servisch beteekent "totdat gij trouwt".
[38] Dit doelt op Lazarus, die in den slag van Kossovo viel.
[39] _Kessedjiya_ beteekent "vechtersbaas", "bullebak", en is de
bijnaam van den Albaneeschen roofridder Moussa, die gedurende jaren
des sultans macht tartte. De gebeurtenis beschreven in het gedicht,
waarop hier volgens sommige Servische historici wordt gedoeld--,
verhaalt een voorval, dat werkelijk plaats had in het begin van de
veertiende eeuw. Er is nauwelijks een herberg of wijnhuis in de dorpen
der zuidelijke Slaven te vinden, waar niet op den voorgevel de ruwe
fresco prijkt, die het tweegevecht van Marko en Moussa voorstelt.
[40] Arbanass is een andere naam voor Albanees
[41] Dyugoom, een koperen watervat, van binnen geëmailleerd.
[42] Adrianopel.
[43] Deze regels worden beschouwd als de schoonste, welke ooit door
eenig Servisch bard zijn geschreven; vrij vertaald beteekenen zij:
"O heer Strahinya, gij roemrijke Servische valk! Gij die steeds op
uw trouw paard Dyogo, en op uw eigen moed vertrouwt, zult, waar gij
ook gaat, een weg vinden, waar geen gevaar u bedreigt."
[44] Hier wijst de bard in de naïeve beschouwingen, waarmede hij zijn
verhaal onderbreekt, op het verschijnsel, dat het schoone geslacht
altijd op slechten voet staat met trouwe honden.
[45] Zmay is het Servische woord voor "draak", maar in dit gedicht
wordt het figuurlijk gebruikt, om de bovenmenschelijke eigenschappen
aan te duiden, die naar men aanneemt de helden bezitten.
[46] Tchardack is een Turksch woord en beteekent een toren, voorzien
van balkons.
[47] Vorst over Zetta en Montenegro, in het begin van de vijftiende
eeuw afzonderlijke staten.
[48] Deze uitdrukking komt in veel van de gedichten voor en duidt op
de diepste neerslachtigheid en teleurstelling.
[49] In dit vers drukt de troubadour de meening uit--volstrekt niet
complimenteus tegenover vrouwen, doch in de Balkanstaten wordt dat
oordeel algemeen onderschreven--dat vrouwen lange haren hebben en
korte hersenen. (Dooge kosse a pameti kratke).
[50] Een andere lezing van deze ballade meldt, dat Maximus Milosh
uitdaagde tot een duel, waarin de Prins overwinnaar bleef.
[51] Anderen beweren, dat Maximus niet vluchtte, maar bleef en streed
tot hij uitgeput was door zijn ontelbare wonden en dat hij toen een
bovenmenschelijke poging deed en er in slaagde zijn bruid te bevrijden.
[52] Dit is de volksnaam voor Serviërs, die in Batchka en Banat wonen,
provincies die nu onder Oostenrijksch-Hongaarsch bestuur zijn.
[53] De liefde van een zuster voor haar broer is spreekwoordelijk
in Servië. Geheele balladen zijn gewijd aan schoone voorbeelden van
zulk een liefde. In Servië kan geen zuster een plechtiger eed zweren,
dan die welke zij aflegt bij den naam van haar broer.
[54] Kroushavatz was onder de regeering van tsaar Lazarus
Hrebélianovitch en dus tijdens den vermaarden slag van Kossovo
(A.D. 1389) de hoofdstad van het uitgestrekte Servische keizerrijk.
[55] Laboud beteekent witte zwaan.
[56] De Turksche Sultan Amourath I kwam om door de hand van voïvode
Milosh. Die groote Servische held doorstak hem met zijn verborgen
ponjaard, toen hij, beschuldigd van verraad, in de tegenwoordigheid
van den sultan werd geleid.
[57] Verkorting van Amourad of Amourath.
[58] Een ballade uit Montenegro, uit het district Byelopavlitch.
[59] Danitza is de morgenster. De Servische barden beginnen vaak hun
gedichten met de vermelding van den ochtendstond en de verschijning
van "Danitza". Verscheidene algemeen bekende balladen beginnen aldus:
De maan beknort de ster Danitza: "Waar zijt gij geweest? Waarmee hebt
gij uw tijd verspild?" En Danitza deelt dan ter verontschuldiging van
haar lang wegblijven onveranderlijk aan de Maan mede, hetgeen zij in
den nacht, gedurende haar afwezigheid heeft gezien, meestal een slechte
daad van een Turk of een bewijs van karakterloosheid van een jongen
man tegenover zijn broer of een ander bloedverwant, een oneerlijkheid
bij de verdeeling van het vaderlijk erfdeel, of iets dergelijks.
[60] Een sidjadé is een divan.
[61] Een hodja is een Mohammedaansch priester.
[62] De kadi is een Ottomaansch rechter.
[63] De djelat is de beul.
[64] Een Vladika is in Servië een "bisschop". In Montenegro waren
de leden van het huis Petrovitch-Niegosh zoowel wereldlijke als
geestelijke heerschers. Het was Vladika Danilo Petrovitch, oom van
den tegenwoordigen koning van Montenego, die het allereerst den titel
aannam van erfelijk prins.
[65] Koning Voukashin, de vader van prins Marko, was een leenman van
keizer Doushan, den Machtigen.
[66] Boyana is de rivier, aan welker oever Scoetari is gebouwd.
[67] De Servische barden van de veertiende eeuw gebruikten
onveranderlijk het woord "boek" als zij een brief bedoelen.
[68] Of volgens enkele barden Piritor. Men beweert, dat de muren van
het kasteel in Herzegovina nog aangewezen kunnen worden.
[69] Tchile verkleinwoord van Yaboutchilo, den vollen naam van
het paard.
[70] Men dient in het oog te houden, dat zulke balladen door de barden
voorgedragen worden voor groote bijeenkomsten van allerlei leeftijd
en beiderlei geslacht; waarbij zij zich soms rechtstreeks tot hun
hoorders wenden.
[71] Dit is weer een voorbeeld van de innigheid der zusterlijke liefde,
waarvan wij reeds vroeger hebben gesproken.
[72] Deze ballade is naar alle waarschijnlijkheid een in mythologisch
gewaad gestoken herinnering aan een geweldige voorhistorische
catastrophe; zij toont duidelijker dan eenige andere oude herinnering
van het dichterlijke Servische volk de opvallende overeenstemming
tusschen de overleveringen der verschillende volkeren.
[73] Dit begin zou menigen lezer in verwarring kunnen brengen, als
niet werd meegedeeld, dat de beroering niet wordt teweeg gebracht
door de heiligen, maar, wat een Servisch auditorium heel goed weet,
deze inleiding enkel haar ontstaan dankt aan de behoefte, die de bard
voelt om zijn verhaal met een effectvollen aanhef te beginnen, teneinde
zich daardoor van de volle aandacht zijner toehoorders te verzekeren.
[74] Divan beteekent in het Servisch een vergadering van een
regeeringslichaam. In dezen zin beteekent het 't Laatste Oordeel.
[75] Skadar of Skadra afgeleid van de Italiaansche benaming Scodra
of ook Scoetari, de tegenwoordige hoofdstad van Albanië. Scoetari
heeft sinds onheugelijke tijden aan de Serviërs behoord.
[76] Kraly beteekent Koning.
[77] Boyana is de naam van de rivier, die de muren van Skadar bespoelt
[78] Neimar beteekent architect.
[79] Sir John Bowring, die in 1827 hierover schreef, verhaalt, dat
een kleine stroom van vloeibare koolzure kalk op de muren van Scoetari
wordt aangemerkt als een blijk van de waarheid dezer geschiedenis. Vouk
St. Karadgitch zegt, dat het Servische volk zelfs nu nog gelooft,
dat geen groot gebouw met succes opgericht kan worden, zonder dat er
een levend wezen ingemetseld wordt. Daarom vermijden zij de nabijheid
van zulke gebouwen, als men bezig is ze op te trekken, want er wordt
gezegd, dat het reeds voldoende is, wanneer slechts de geest van zulk
een ongelukkige wordt ingemetseld, waarop echter een spoedige dood
volgt. Srpske Narodne Pyesme, Weenen 1875, deel II p. 124 noot 20.
[80] Een vervallen vesting aan de oevers van de rivier Morava. Den
zelfden naam draagt een stad in Midden-Servië, niet ver verwijderd
van het kasteel van Theodorus.
[81] Deze legende werd opgeteekend, en aan Vouk St. Karadgitch
medegedeeld door vorst Michaël Obrenovitch III, die ze in zijn jeugd
van zijn kindermeid had gehoord.
[82] De christenen van de Balkanstaten maken gewoonlijk een kruis
voor en na hun maaltijd.
[83] Een gouden muntstuk van ongeveer 12 gulden.
[84] De appel is een symbolisch geschenk, dat hij, die naar haar hand
dingt, het meisje zijner keuze aanbiedt.
[85] Het is de gewoonte bij de Serviërs, dat een van de broers het
meisje aan den toekomstigen bruigom geeft.
[86] Baardeloosheid is het kenmerk van de listige en verraderlijke
naturen.
[87] Dit en de volgende verhalen in dit hoofdstuk zijn met vriendelijke
toestemming van M. Chede Miyatovitch ontleend aan de Servische Folklore
van mevrouw C. Miyatovitch.
[88] Tziganen of Zigeuners in Servië en eigenlijk in het geheele
Balkanschiereiland zijn voornamelijk paardenhandelaars. Het stelen
en verkoopen van paarden is hun hoofdbedrijf.
[89] Era is een naam, die aan de boeren van het district Ouzitze
(Westelijk Servië) wordt gegeven. Zij hebben den naam heel geestig
en sluw te zijn en zouden de Ieren van Servië genoemd kunnen worden.
[90] Als Serviërs zeer verbaasd over iets zijn, maken zij onwillekeurig
het teeken des kruises.