16 Junij. C. T. Scaife.

Vijf en twintig dollars belooning.

Weggeloopen van den ondergeteekende, op 1 Mei jl., zijn

negerjongen, George, 18 jaar oud, 5 voet lang, van sterken

ligchaamsbouw en welbespraakt. Hij behoorde vroeger aan den heer

J. D. A. Murphy, te Blackville, en heeft eene moeder, die het

eigendom is van den heer Lorrick, in Lexington; Vermoedelijk

heeft hij een paspoort, en zal in den omtrek van Branchville of

Charleston ronddwalen.

De bovenstaande belooning zal betaald worden aan hem, die George

in eene of andere gevangenis zet, waaruit ik hem kan krijgen.

Orangeburg, 7 Augustus 1852. J. J. Andrews.

Bekendmaking.

In Colleton District is als weggeloopen slaaf gevangen genomen

een neger, Jordan, omtrent 30 jaar oud, voorgevende aan Dobson

Coely van Pulaski, Georgia County, te behooren. De eigenaar wordt

verzocht, zijn regt te bewijzen en hem meê te nemen.

Waterboro, 7 Sept. 1852. L. W. Molants, Regter.

De volgende advertentiën zijn door de Commonwealth meestal uit New

Orleansche couranten getrokken. De karakteristieke beschrijvingen

der negers zijn opmerkenswaardig.

De Slavernij: Vervolg en Sleutel op De Negerhut · 第 163 / 220 题