De Staat tegen Castleman.
Korten tijd voor zij den dood van den slaaf Tom schetste, las de
schrijfster het verslag van het volgende regtsgeding. De treurige
feiten, daarin voorkomende, zweefden haar voor den geest toen zij
schreef:
"Welk mensch durft het doen, maar durft het niet aan hooren. Wat
onze mede-broeders en mede-christenen moeten lijden, kan ons niet
verhaald worden, zelfs niet in onze binnenkamer, zoo snijdt het
door de ziel. En toch, o, mijn vaderland! geschiedt dat alles
onder de schaduw uwer wetten! en o Christus, uw kerk ziet het
bijna zwijgend aan!"
Het wordt geheel wedergegeven zoo als het opgesteld was door
Dr. G. Bailey, den menschlievenden en kundigen redacteur van de
National Era.
Uit de "National Era," Washington 6 November 1851.
Moord-aanslag in Clarke County, Virginia.
Sedert eenigen tijd bevatten de nieuwspapieren van Virginia
mededeelingen omtrent een schrikkelijk treurspel, dat in Clarke
County van dien Staat heeft plaats gehad. Een slaaf van den
kolonel James Castleman, werd, zoo als men zegt, met een keten
om den hals vastgelegd, en door zijn meester doodgegeeseld, omdat
hij gestolen had. De geheele nabuurschap van de plaats, waar dit
geschiedde, geraakte in een staat van spanning; de bladen van
Virginia deelden om strijd die wreede daad mede; en de inwoners
der Noordelijke Staten werden opgeroepen, om als getuigen op te
treden voor den regter, opdat aan den slaven-eigenaar loon naar
werken zou worden gegeven. De daad was dan ook vreeselijk; zij was,
wij durven het zeggen, bijna en zonder wederga, en ze mag niet
als proeve worden aangevoerd van de behandeling der slaven in het
algemeen. Wij deelden het gebeurde niet mede; wij wilden liever met
de mededeeling er van wachten, tot de regtbank vonnis zou hebben
geveld, en wij de misdaad te gelijk met de straf konden mededeelen,
wanneer de Staat zich op den misdadiger zou gewroken hebben.
Zij, die door dat gruwelstuk diep getroffen waren, zullen zeker
verrast en teleurgesteld zijn, wanneer zij vernemen, dat de
bedrijvers er van verhoord en vrijgesproken werden; en wanneer zij
het volgende verslag van het regtsgeding en de uitspraak lezen,
dat, op verlangen der vrienden van den beschuldigde openbaar werd
gemaakt, zal hunne teleurstelling in bittere verontwaardiging
overgaan.
Het volgende verslag, dat men veronderstelt opgemaakt te zijn door
den advokaat, na het regtsgeding, is door de vrienden van den kolonel
ons ter hand gesteld, met verzoek het openbaar te maken.