I.

We komen nu tot de wijze waarop de bevruchting der bijen-koningin plaats

heeft. Ook hier heeft de natuur buitengewone maatregelen genomen om de

paring van mannetjes en wijfjes uit verschillende moederstokken te

begunstigen; een vreemde wet, die ze volstrekt niet had behoeven uit te

vaardigen, een gril of misschien het gevolg van een oorspronkelijke

nalatigheid, waardoor ze nu allerlei merkwaardige krachten aan 't werk

moet zetten, om die te herstellen.

Waarschijnlijk zou het heelal, indien zij ook maar de helft van het

genie, dat ze nu verspilt aan kruisbevruchting en sommige andere

willekeurige wenschen, had besteed om het leven te verzekeren, het

lijden te verlichten, den dood te verzachten en afschuwelijke rampen te

vermijden, ons een minder onbegrijpelijk raadsel zijn geweest, minder

erbarmelijk dan hetgeen we nu trachten te doorgronden. Maar we hebben

niet te doen met wat had kunnen zijn, we hebben onze bewustheid en onze

belangstelling in het bestaande te putten uit hetgeen is.

Rondom de maagdelijke koningin en met haar levende in den korf midden in

de massa, bewegen zich honderden mannetjes, die altijd dronken zijn van

honing, en wier eenige reden van bestaan de vereeniging der liefde is.

Maar hoewel hier twee verlangens, die overal elders alle hinderpalen

omverworpen, voortdurend met elkaar in aanraking zijn, heeft de paring

nooit plaats in den korf, en men is er nog nooit in geslaagd, een

gevangen koningin te doen bevruchten[1]. De minnaars, die haar omgeven,

weten niet wat ze is, zoolang ze in hun midden woont. Zonder te

vermoeden dat ze zoo juist van haar afkomen, dat ze met haar sliepen op

dezelfde raten, dat ze misschien in de haast van het uitvliegen tegen

haar aan zijn gebonsd, gaan ze haar zoeken in de ruimte, op de meest

verborgen plaatsjes van den horizont. 't Is alsof hunne

bewonderenswaardige oogen, die hun geheelen kop bedekken als een

schitterende helm, haar eerst leeren kennen en begeeren, wanneer ze

zweeft in het azuur. Dagelijks van elf tot drie uur, wanneer het licht

zijn hoogsten glans heeft en vooral wanneer de middag tot aan de grenzen

des hemels zijn groote blauwe vleugelen uitspreidt om de vlammen der zon

aan te wakkeren, gaat hunne gevederde horde er haastig op uit om de

echtgenoote op te sporen, die nog koninklijker en nog moeielijker te

verkrijgen is dan alle ongenaakbare prinsessen uit de sprookjes, want

twintig of dertig stammen omringen haar en komen uit alle naburige

staten aansnellen, om een hofstoet van meer dan tien duizend

pretendenten voor haar te vormen. Uit deze duizenden zal er één enkele

worden uitgekozen voor één enkelen kus van ééne minuut, die hem aan het

geluk maar tevens aan den dood zal huwen, terwijl alle overigen doelloos

rondom het verbonden paar heenvliegen, en weldra zullen sterven zonder

de begoochelende en noodlottige verschijning weer te zien.

[1] Aan Professor Mc Lain is het onlangs gelukt eenige koninginnen

kunstmatig te bevruchten, doch eerst na eene echte, chirurgicale,

gevaarlijke en ingewikkelde operatie. Overigens was de vruchtbaarheid

dezer koninginnen beperkt en voorbijgaand van aard.

Het leven der bijen · 第 98 / 136 题