Het vertrek van den tweeden en derden zwerm is juist zooals die van den
eersten en alle omstandigheden zijn gelijk, behalve dat er minder bijen
zijn, dat de troep minder omzichtig is en geen verkenners heeft, en dat
de jonge, maagdelijke, vurige en lichte koningin veel verder vliegt en
reeds bij de eerste pleisterplaats haar volk tot op grooten afstand van
den korf heeft meegevoerd. Voeg er nog bij, dat deze tweede en derde
uittocht veel vermeteler zijn en dat het lot dezer zwervende kolonies
zeer hachelijk is. Als vertegenwoordigster der toekomst hebben ze enkel
een onvruchtbare koningin aan hun spits. Hun gansche bestaan hangt af
van de op handen zijnde paringsvlucht. Een voorbijvliegende vogel,
enkele regendruppels, een koude wind, een vergissing, en het onheil is
onherstelbaar. Dit weten de bijen zóó goed, dat ze, wanneer ze een
toevluchtsoord gevonden hebben, ondanks hunne reeds groote gehechtheid
aan de woning die eerst sedert een enkelen dag de hunne is, ondanks het
aangevangen werk, dikwijls alles in den steek laten om hunne jeugdige
souvereine te vergezellen bij het zoeken van een minnaar, om hunne oogen
onafgewend op haar gevestigd te houden, haar te omgeven en te omhullen
met duizenden liefderijke vleugeltjes, of met haar te gronde te gaan
indien de liefde haar zóó ver van den nieuwen korf doet afdwalen, dat de
nog ongewone terugweg vervluchtigt en verdwijnt uit hun aller geheugen.
X
Zóó sterk is echter de wet der toekomst, dat geen enkele bij aarzelt met
het oog op deze onzekerheid en dit doodsgevaar. Een zelfde geestdrift
voor een tweeden en derden zwerm als voor een eersten. Wanneer de
moederstaat zijn besluit beeft genomen, dan vindt ieder dezer
gevaarlijke jonge koninginnen een troepje werkbijen gereed haar lot te
deelen en haar te vergezellen op haar reis, waarbij veel te verliezen en
niets te winnen is dan de hoop op voldoening van een instinkt. Wie geeft
hun de energie, die wij nimmer bezitten, om met het verleden te breken
als met een vijand? Wie kiest uit de massa degenen, die moeten gaan en
wie wijst aan welke zullen achterblijven? Niet die of die klasse
vertrekt of blijft, hier zijn het de jongsten, daar de oudsten, rondom
iedere koningin, die heengaat om niet terug te keeren, verdringen zich
zeer oude honingdraagsters naast kleine werkbijtjes, die zich voor het
eerst wagen in het duizelingwekkende azuur. 't Is evenmin het toeval, de
gelegenheid of een voorbijgaande opwelling van geestdrift of van
ontmoediging door een gedachte, instinkt of gevoel, waardoor de
betrekkelijke grootte van een zwerm wordt bepaald. Herhaaldelijk heb ik
er mij op toegelegd, te berekenen welke verhouding er bestond tusschen
het aantal bijen van den zwerm en van degenen die achterblijven; en
hoewel de moeielijkheden aan de proef verbonden het verkrijgen van
mathematische zekerheid beletten, heb ik toch kunnen constateeren dat
deze verhouding, als men mede rekening houdt met het broedsel, dus met
de op handen zijnde geboorten, constant genoeg was om een werkelijke en
geheimzinnige berekening van den genius des bijenkorfs te doen
vermoeden.