VI.

Deze maatregelen betreffen de bewaking der jonge koninginnen, die nog

begraven liggen in hunne gevangenis van was. Ik veronderstel, dat de

bijen het verstandiger oordeelen geen tweeden zwerm uit te zenden. Hier

doen zich dus weer twee mogelijkheden voor. Zullen ze aan de

eerstgeborene der koninklijke maagden, aan haar, die wij hebben zien

uitkomen, toestaan hare vijandelijke zusteren te vernietigen, of wel

zullen ze wachten totdat deze de gevaarlijke plechtigheid van de

"parings-vlucht" heeft volbracht, waarvan de toekomst van het volk kan

af hangen? Dikwijls wettigen ze den onmiddellijken moord, dikwijls ook

verzetten zij er zich tegen, maar 't laat zich gemakkelijk begrijpen,

dat het moeielijk is uit te maken of dit gebeurt met het oog op een

tweeden zwerm, of op de gevaren van de "parings-vlucht"; want meer dan

eens heeft men waargenomen, dat ze, na tot een tweeden zwerm te hebben

besloten, plotseling daarvan afzagen en heel het voorbestemde nakroost

vernietigden, 't zij omdat de tijden ongunstiger waren geworden, 't zij

om eenige andere reden, die we niet kunnen opsporen. Doch stel dat ze

het nuttig hebben geoordeeld van het zwermen af te zien en de gevaren

van de "parings-vlucht" te aanvaarden. Wanneer nu onze jonge koningin,

aangevuurd door haar verlangen, het gebied van de groote wiegen nadert,

dan wijkt de wacht ter zijde om haar vrijen doortocht te laten. Ten

prooi aan haar woedende jaloezie werpt ze zich op de eerste

koninginne-cel, die ze aantreft en doet met tanden en pooten al haar

best om de was te breken. Ze slaagt er in, rukt met geweld de pop er

uit, die in die woning rust, wikkelt de slapende prinses los en als haar

mededingster reeds kenbaar is, keert ze zich om, steekt haar angel in de

open cel en boort als waanzinnig dezen daarin, totdat de gevangene

bezwijkt onder de wonden van het giftig wapen. Dan komt ze tot rust, en

vindt voldoening in den dood, het mysterie, dat aan den haat van alle

wezens grenzen stelt, trekt haar angel in, valt op een andere cel aan,

opent die om er echter voorbij te gaan als zeer enkel een onvolgroeide

larf of nymph in vindt, en gaat zoo voort tot op het oogenblik, dat ze

hijgend en uitgeput bemerkt, dat hare tanden en nagels machteloos langs

de wanden van was afglijden.

De bijen rondom haar zien hare woede aan zonder er in te deelen en gaan

haar uit den weg om haar het veld vrij te laten; maar zoodra een cel is

doorboord en verwoest komen ze aanloopen, halen het lijk, het nog

levende larfje of de gepijnigde nymph er uit, gooien ze uit den korf, en

proppen zich gretig vol met de kostelijke koninklijke pap, die den bodem

van de cel overdekt. En daarna, als hunne uitgeputte moeder hare woede

laat varen, voleindigen zij zelven den moord der onschuldigen, en het

vorstelijk ras heeft met zijne woonplaatsen opgehouden te bestaan.

Met de executie der darren, die overigens meer is te verontschuldigen,

is dit de afschuwelijke ure van den bijenkorf, de eenige waarin de bijen

aan tweedracht en dood verlof geven hunne woningen te overmeesteren.

En, zooals het zoo vaak in de natuur voorkomt, zijn het juist de door de

liefde bevoorrechten, die de buitengewone pijlen van een gewelddadigen

dood op zich zien gericht.

Enkele malen, doch uiterst zelden daar de bijen voorzorgsmaatregelen

nemen om dit geval te voorkomen, enkele malen gebeurt het, dat twee

koninginnen tegelijkertijd uitkomen. Dan heeft onmiddellijk bij het

verlaten van de wieg de doodelijke kamp plaats, waarvan Huber voor het

eerst een merkwaardige bijzonderheid heeft opgeteekend: telkens wanneer

de beide maagdelijke koninginnen in hun curas van sits bij hun uitval

zulk een stelling innemen, dat ze bij het steken met hun angel elkaar

weerkeerig zouden doorboren dan is het, juist als bij de gevechten in de

Ilyas, alsof den god of godin, wellicht de god of de godin van het ras,

tusschen beide komt; door een zelfden schrik bevangen, gaan de beide

strijdende partijen uiteen en ontvluchten elkaar geheel ontdaan, om kort

daarna elkander weer te zoeken en opnieuw uiteen te gaan indien de

dubbele ramp opnieuw de toekomst van hun volk bedreigt; totdat het aan

een van beiden gelukt hare onvoorzichtige of onhandige mededingster te

verrassen, en haar te dooden zonder gevaar voor zichzelve, want de wet

van de soort eischt slechts één offer.

Het leven der bijen · 第 84 / 136 题