2) Gevaar.

- Wie weet? wie weet?" schertsten de ouderen, in 't sissend geschuifel

der sikkels.

Dat "vrije koewachter gemoakt worden" was een vreeselijk iets, de schrik

van alle jonge boerenknechts, die voor het eerst mee hielpen oogsten.

Dat gebeurde wanneer de maaier er niet meer in slaagde de vrouwen, die

hem op de hielen volgen, een voldoenden voorraad afgemaaide aren te

bezorgen. Zoodra het haar gelukte "te binden in zijn kloefen", m.a.w. de

aren van onder zijn voeten op te rapen, vlogen zij allen op hem af,

wierpen hem omver in 't koren, trokken hem met geweld de broek uit, en

joegen hem zoo, onder wild gelach en geschreeuw, naar de hoeve. Dat

heette "vrije koewachter gemoakt worden," de grootste hoon, die aan een

boerenknecht te beurt kan vallen.

En van lieverlede kwam het Bauwke voor of een complot van dien aard

onder de vrouwen tegen hem beraamd werd. Het was, achter zijn rug, een

voortdurend gefluister, en een gesmoord gelach, en bedekte zinspelingen,

terwijl hij ze hoorde hijgen van haast en inspanning, om hem te

achterhalen. Na elken pikslag hoorde hij het druk geschuifel harer

naderende voetstappen over de stoppels; en de "stuiken", in overijling

opgebouwd, wierpen soms, tot vóór zijn voeten, hun meer en meer

vooruitdringende schaduw-silhouette. Toen spande hij, in uiterste

wilskracht, al zijn vermogen in, en druipend van 't zweet, het hoofd

duizelig en de oogen beneveld, rukte hij door de blonde golving der aren

voorwaarts, als een die vlucht om 't leven door een woud, waar hij met

de bijl zijn weg moet banen. Hij wilde geen "vrije koewachter gemoakt

worden", en evenmin wilde hij zijn zwakheid erkennen door den arbeid te

staken. Hij wilde zegepralen, de twintig frank per maand verdienen die

hij beloofd had aan zijn moeder; en hij voelde dat hij zegepralen zou,

als hij 't nog maar enkele dagen vol kon houden.

De zondag kwam, een rust van vier en twintig uren. Want per uren, per

minuten soms rekende hij den rusttijd, in tegenstelling met den

arbeidstijd, dien hij per dagen en per weken telde. En zóó vreeselijk

had die eerste week hem reeds afgemat, dat zijn moeder van hem schrikte,

toen zij hem terug zag.

- O, kind, ze doen ou boven ou macht wirken!" riep zij angstig uit. En,

door een plotselingen argwaan aangegrepen:

- Willen z'ou meschien vrije koewachter moa-ken?" vroeg ze dringend.

Een hevig rood kleurde bij die onverwachte vraag Bauwke's bleeke,

ingezakte wangen; maar hij staalde zich met wilskracht, en antwoordde

trotsch-minachtend.

- Nie, zulle, doar 'n ben ik nie schouw 1) van!

Te Lande · 第 18 / 32 题