Het plan Ulehake geeft, wat eene drooglegging geven moet: #Land!!!#

Men dinge af op zijn plan, zooveel men wil, niemand zal ontkennen, dat

het minstens _tweemaal_ zooveel land beschikbaar stelt als het plan

Lely, en dat nog wel »zonder overvoering der markt", omdat het

geleidelijk geschiedt.

De tijdsomstandigheden hebben het pl. L. doen verouderen, zoodat het

thans te weinig geeft voor veel geld.

_Ja, het plan Lely is verouderd!_

Het aantrekkelijk wicht, met moeite gebaard, en grootgebracht met

opoffering van verre over de f 50.000, is een dametje van ruim dertig

jaar geworden, dat vaak ten dans gevoerd werd en straks nogmaals op de

huwelijksmarkt wordt gepresenteerd, omdat het tot heden nog door niemand

voor 't altaar werd geleid. De vader en verzorger, maar ook de toeziende

voogden durven, willen of kunnen niet openlijk erkennen, wat de heer U.

niet _durft_, _wil_ of _mag verzwijgen_, n.l. dat het een geluk is, dat

het plan L. nog onuitgevoerd bleef. Hij beweert dat, indien het plan

Lely thans reeds uitgevoerd was, men nu alweer zou eischen:

Het noordelijk bekken der Zuiderzee, de Wadden en de Lauwerszee moeten

eveneens drooggelegd worden! Met andere woorden: men zou dubbele kosten

en dubbel werk moeten maken.

* * * * *

Zijn vernietigende uitspraak berust op deze twee axioma's:

_a._ De waterbouwkunde, voorgelicht door de scheikunde, kreeg te

beschikken over gewapend en cementbeton, eene specie, die uitnemend

geschikt is tot het leggen van den afsluitdijk en de bijkomende werken.

_b._ De landbouw kreeg, voorgelicht en geschraagd door de scheikunde, te

beschikken over de hulpmeststoffen, waarmede men zelfs »heide maakt tot

weide."

Van het onder _a_ genoemde kan bij uitvoering van 't pl. L. natuurlijk

ook gebruik gemaakt worden, hoewel de ontwerper rekende op 't gebruik

maken van »de Oud-Hollandsche beproefde methode van dijkenaanleg."

Volgens den heer U. geven deze twee grondwaarheden (doch vooral de

laatste) den doodsteek aan 't plan L. en doen ze het zijne zegevieren.

In verband met het onder _b_ genoemde redeneert hij op de volgende wijze

verder:

»De tijd, waarin men op Tessel stukken zandgrond weggaf, daar men er dan

geen grondbelasting van behoefde op te brengen, is voorbij. Die gronden

vertegenwoordigen aldaar thans eene handelswaarde van f 800 per H.A."

Men kan nu in de nabijheid van Glanerbrug niet meer eenige H.A.'s veld

in bezit krijgen voor 't verstrekken van een maal pannekoeken voor één

persoon, daar 1 H.A. ervan thans ver over de f 1000 waarde heeft.

De hooggelegen heidegrond in ons land, die eenigszins geschikt is voor

ontginning en met den wagen bereikt kan worden, is thans ongeveer f 300

per H.A. waard. Die grond, niet zelden 10 à 12 M. + A. P. gelegen, wordt

na 't verrichten van zwaren arbeid met groote kosten nog productief

gemaakt en winstgevend, en zou dan de zandgrond, thans nog sluimerend op

den bodem der zee, niet gemakkelijk f 400 per H.A. waard zijn? De felle

droogte zal daar de hoop des landmans waarschijnlijk nooit in rook doen

vervliegen!

Toch stelt de heer U. de waarde van dien grond op slechts de helft,

zijnde f 200 per H.A.

Zouden de zware droog te leggen kleigronden in _dezen_ tijd niet

evengoed eene verkoopwaarde van f 3000 per H.A. hebben als voor acht en

dertig jaar in den pas droog gelegden Grooten-IJpolder?

Hij stelt ze echter op eene handelswaarde van f 2200 per H.A. Daar

de Lauwerszee door hem buiten de berekening is gehouden, en deze bij

drooglegging genoegzaam niets anders zal opleveren dan zuivere, zware

klei, is de heer U. overtuigd, dat hij nooit van overdrijving ten

voordeele van zijn plan kan beticht worden, als hij stelt, dat de helft

van al de drooggelegde gronden zuiver zand is en de andere helft klei.

Buiten de Lauwerszee geeft zijn plan 422357 H.A. land; de gemiddelde

handelswaarde per H.A. wordt: (f 2200 + f 200) : 2 = f 1200. Uitgedrukt

in ronde getallen legt hij dus voor 420000 × f 1200 = f 504000000 aan

land droog. (Met recht zou hij naar den bestaanden prijs gemiddeld

f 1600 per H.A. mogen rekenen en een totaal van f 672 millioen boven

water halen).

Van 't plan Lely is nooit beweerd en zal nooit beweerd worden, dat de

waarde van den verkregen grond de te maken kosten zal kunnen dekken.

Hoe zou dat staan met het plan Ulehake? Zou 't niet zeer voorzichtig

en verstandig zijn, dit eens te onderzoeken, vóór men begint met de

uitvoering van 't pl. Lely?

De drooglegging der Zuiderzee. Het plan J. Ulehake contra het plan C. Lely · 第 8 / 13 题