Oud-Agent-Generaal voor de Immigratie, Oud-Lid van den Raad van
Bestuur in Suriname, den sympathieken strijder voor de belangen der
Amerikaansche Negerbevolking en mijn onvermoeiden tochtgenoot door
de Binnenlanden van het District Nickerie, die met zijn helderen
blik in de Negerpsyche onzen zwarten arbeiders een vaderlijke
leidsman was
en
Dr. HERMAN F. C. TEN KATE,
den Nederlandschen Anthropoloog en wereldreiziger—den eminenten
kenner en vriend der Indianen,
draag ik dezen bundel op.