Haai, z. n. m. -- Verslindende visch, en benaming die dikwijls door de matrozen aan een schuldeischer gegeven wordt. Spreekwijze: Hy is naar de H--en (hy is dood en weg: omdat iemand die aan boord sterft en in zee geworpen wordt, groote kans loopt van door die gedierten te worden verslonden.)