Het is mooi weer. Men moest hier eigenlijk niet spreken van den winter,
maar van den regentijd. Welk een afwisseling! Wreede dagen, woedend van
regen en wind. Zooals wij die te Hebron hebben gekend. Er is in een
korten tijd een geweldige hoeveelheid regen gevallen. Men zegt drie
kwart van den gemiddelden jaarlijkschen regenval. Ik ben bevriend met
een regenbak, waarin binnen een week of drie, een meter of drie water is
komen te staan. Als nu de late regen ook maar komt, zoo tegen Maart,
April, dan krijgen we hier een goed gewassenjaar. Misschien dalen dan de
prijzen. Maar tusschen de regendagen, o, de zalige winterlentedagen. Een
hemel ongebroken als in den zomer. Maar dunner blauw. Een kussende,
zoele wind. En de zonneschijn. Een winter vol zon. En welk een mateloos
mooie morgen.
Adil geeft het wagentje, nummer 18. Dat moet gij later ook nemen. Het is
een net wagentje. Het staat bij de Jaffapoort, en rijdt met twee
driftige Arabische paardjes. De koetsier is in Mekka geweest. Hij zou
dus een groenen doek mogen dragen rondom zijn fez, dien wij tarboes
noemen. Maar dit doet hij niet. Hij zal het later doen, wanneer hij
ouder is geworden, 't Zou nu nog niet passen. Omdat hij in Mekka is
geweest, zegt zelfs de oneerbiedige Adil Had; tegen hem. En Machmoed,
het staljongetje, eerbiedigt hem zeer. Natuurlijk eerbiedigt Machmoed
den chawadja ook. Want die geeft baksjis; en is een chawadja. "Een mooi
wagentje, hè Machmoed?" "Maäloem," zegt Machmoed: "ik twijfel, of er een
mooier wagentje is in geheel Kuds."
En wij rijden. Door de buitenstadswegen. En dan over de landwegen naar
den Olijfberg heen. Overal wordt gewerkt aan het land. Winterkoren wordt
gezaaid op ieder bouwbaar plekje grond. O, de verteedering van de zachte
dagen. En de adem van het bruine, opengebroken land. Tegen een
heuvelhelling aan ligt het wijde kerkhof met de Engelsche gesneuvelden.
Het huis van den Groot-Mufti. En de uitzichten over heel de stad van
Jeruzalem. De oude stad binnen den Muur, nog gaaf bewaard aan deze
Oostzijde. En de voorsteden wijd uitgeblokt. En dan ineens niets meer.
Ver, ver, de heuvelen. Maar geen andere huizen, steden en dorpen. Zooals
rondom Amsterdam, dat ook een mooie stad is.