IV.

Als de drie bezoekers weggaan. Dan zie ik weder, dat wij het Volk van

het Boek zijn. En wij moeten dat blijven, ook wanneer wij weder het Volk

van het Land worden. Nissim Nahum, ofschoon geen Rabbijn, gaat het eerst

de deur uit, omdat hij twee groote heilige boeken draagt. De Rabbijn

Epstein is wel ouder, maar niet aanzienlijker dan de Rabbijn Bernstein.

Wie zal het eerst uitgaan? Dat zijn hier groote kwesties. Er zijn

gemeenten verdeeld geraakt, omdat een rabbijn eenen andere heeft

gepasseerd. Ten slotte zal de Rabbijn Epstein vóórgaan. Maar de Rabbijn

Bernstein heeft een boek meegebracht. Goed: de Rabbijn Epstein zal dat

dan dragen, tot zij buiten zijn. Daarna zou 't niet meer passen. Gij

glimlacht wellicht over al dien eerbied en over al die etiquette? Ik

ook. Maar glimlachend bedenk ik toch ook, dat in al deze kleine

bedrijven iets liefs, iets geriefelijks is.

Wij hebben het water hier zoo lief en wij hebben het water hier zoo

noodig. Een bron, dat is voor ons het levende, het goede. Een Wezen.

Iedere bron heeft zijn legende. Maar dat alles wordt volmaakt verleden

tijd. Wij gaan Palestina moderniseeren, verschrikkelijk moderniseeren.

De Fellachen worden geëlectrificeerd en schoongemaakt met stofzuigers.

Welk een vooruitzicht. En al de mooie legenden van bronnen, bloemen en

rivieren worden opgedoekt.

Jerusalem(#15083) · 第 10 / 59 题