De sergeant: _vuurrrrr!_

Boven het rikketikketik der geweren klinkt, duidelijk waarneembaar

het viezigheidje, waarmede Japanners hunnen gastheer het teeken van

over-verzadigd te zijn geven. In dit geval echter, is het minder

hoffelijk bedoeld, en de sergeant heeft gelijk, met op strengen toon te

vragen naar den dader. »Wie heeft dat gedaan?« roept hij, vergetende dat

er feitelijk--integendeel--iets gelaten is.

Doodsche, pijnlijke stilte.

»Wie?«

Iedereen kijkt zijn buurman aan met den ernst, die ons alleen op

belachelijke momenten beheerscht...

Het geval geeft aanleiding tot een ultimatum.

»Indien de dader zich niet direct aanmeldt...!«

Dan treedt Kees naar voren.

»Ik ben onschuldig«, zegt hij ridderlijk, »maar ik moet vanavond tòch

thuisblijven...«

»Neen, neen«, roepen wij, die niet minder edel willen zijn--»de dáder!«

Het debat duurt voort... tant de bruit, pour un tout petit bruit...

De »dader« is nog steeds niet gevonden.

Eindelijk wordt ook de luitenant van het geval in kennis gesteld; hij is

een practisch man.

»Als niemand het gedaan heeft«, zegt hij--»dan moet het de sergeant

geweest...«

Dan pas lachen wij.

Ook de sergeant... die intusschen even onschuldig is, als uw u dw.

Van Aardappel-mes tot Officiersdegen Uit het Dagboek van een Landstormplichtige. · 第 20 / 60 题