ZONNESTAAT.

Minder grootsch, meer in 't kleine en bijzondere afdalend is

Campanella's Zonnestaat. Ook hij wil een staat, waarin allen zullen

meewerken voor zich en voor allen. De staat moet een werktuig worden,

om de maatschappelijke ellende zooveel mogelijk te lenigen. Voor

persoonlijke vrijheid is weinig plaats. Ieder zal een bepaalden tijd

moeten arbeiden, een bepaalden tijd mogen genieten. De staat bepaalt

het beroep en de opvoeding der geslachten. De wijzen zullen regeeren

naar een geheel bureaucratisch systeem.

Eigenaardig is het, dat Campanella in dezen staat zeer veel laat

afhangen van de sterren: aan hun invloed op het aardsche leven geloofde

ook hij nog.

Evenals Plato dachten Moore en Campanella dat hun staat voor

verwezenlijking vatbaar was.

Tot op onzen tijd zijn de staatsromans blijven verschijnen, zooals

wij reeds opgemerkt hebben bij Plato's staat. (Zie bl. 103).

Uit de ontwikkelingsgeschiedenis van het Menschelijk Denken, Deel 1 van 2 · 第 52 / 105 题