Macchiavelli werd in 1469 te Florence geboren, trok zich, na gezant
geweest te zijn, in 't particuliere leven terug, toen in 1512 de Medici
een eind maakten aan de vrije instellingen van Florence. Zijn boek
"Il principe" (De vorst) schijnt hij geschreven te hebben, om de gunst
te verwerven van het heerschende geslacht. In 1527, toen de republiek
hersteld werd, vertrouwde men hem niet. In 't zelfde jaar stierf hij.
Zijn bekendste werk is het reeds genoemde, maar zijn andere werken
over Florentijnsche Geschiedenis en zijn Discorsi: Gesprekken over
Titus Livius [59], zijn van veel beteekenis.
Macchiavelli had in zijn hart de vrijheid lief en droomde van een
groot Italië. Hij is een echte zoon der Renaissance, een beminnaar
der oudheid en zijn doorloopend streven is, de antieke cultuur ter
vergelijking naast en boven de Christelijke te stellen.
Het ideaal van een staat, dat hij zich voorstelt, is een
Republiek. Doch de menschen zijn zwak en slecht; ze kunnen zich zelf
niet regeeren, maar moeten geregeerd worden. Er moet een monarchie
zijn, en een doortastend man aan 't hoofd.
De halfheid der menschen, die noch volkomen goed, noch volkomen kwaad
zijn, ergert Macchiavelli. Zijn vorst is een man uit één stuk. Om zijn
doel te bereiken, spaart hij niets; door de menschelijke opvattingen
van deugd en ondeugd laat hij zich niet weerhouden. Alleen: den
schijn moet hij redden; de massa rekent naar den schijn. Leeuw en vos
tegelijk, moet hij zich bemind en gevreesd maken. De religie, ook al
acht hij ze persoonlijk een dwaling, zal hij hoog houden, omdat ze een
voortreffelijk middel is tot het beheerschen der massa. Deze toch kan
den wijze, die vooruit weet te zien, niet volgen. Om nu zijn doel te
bereiken, moet hij wel goddelijke wijding geven aan zijn instellingen.
Men heeft in dit werk uitsluitend een aansporing gezien tot allerlei
slechtheid, daarbij vergetend, wat Macchiavelli als doel voor oogen
stond. In de praktijk echter hebben vele vorsten (we behoeven slechts
aan Filips II en Margaretha van Parma te herinneren) uitsluitend op
zijn praktische voorschriften, niet op zijn bedoelingen gelet.
In zijn zucht om een "real Politiker" te zijn heeft Macchiavelli groote
dingen over 't hoofd gezien; hij heeft de geschiedenis, waarschijnlijk
onder den invloed van wat hij in Italië zag, te veel opgevat als een
kamp om macht en een spel van listige, geslepen intrigues. Voor den
godsdienst als groote, innerlijke kracht heeft hij geen oog gehad,
den enormen invloed der economische verhoudingen op 't staatsleven
niet gekend.