NORFOLK. Hier, genadig vorst.
KONING RICHARD. Norfolk, hier vallen slagen; ja, niet waar?
NORFOLK. Men geeft en men ontvangt die, beste vorst.
KONING RICHARD. Mijn tent gezet! hier rust ik heden nacht;
Doch waar op morgen?—Nu, het is om ’t even.—
Wie heeft verkend, hoe sterk de muiters zijn?