E. DE NOORDZEE-KUST EN DE EILANDEN.

Veel bijzonders valt er niet op te merken van de visschersdorpen

langs de Noordzee-kust, behalve van Scheveningen. Ook in Zandvoort,

dat een oudere plaats is, bleef een weinig van de nationale dracht

over in de Hollandsche hul, waarvan echter de badgasten een soort

vermoderniseerde imitatie gaan dragen, nu ze door de eigenlijke

visschersbevolking afgeschaft schijnt.

De wereld verandert!!!.....

IJmuiden en Wijk aan Zee, zijn geheel moderne plaatsen. In Egmond en

Bergen draagt men de West-Friesche dracht.

Op Texel is niets van de oude drachten over, zoomin als op Wieringen

of op Vlieland.

Op Terschelling echter bleef een oude dracht gehandhaafd, die nog zeer

merkwaardig is, al bestaat ze bijna uitsluitend uit een hoofdbedekking

van eigenaardigen vorm, met afhangende stroken. (Zie bl. 14.) Die

kap noemt men _zwarte kap_, daaronder draagt men een witte, genaamd:

"_het mutske_". De verdere kleedij bestaat er uit een lijf met schoot

in ouderwetschen vorm, in allerlei kleur, jak genaamd. Daaronder

komt de rok van merinos (vroeger thibet). Het voorschoot noemt men

_scheldoek_. (Zie Hindeloopen).

Deze dracht, die hoofdzakelijk merkwaardig is om haar geheel, wordt

thans nog alleen door de vrouwen van middelbaren leeftijd gedragen;

de jeugd doet dit niet meer.

Vroeger droeg men op dit eiland een zilveren oorijzer, met gouden voor-

en zij-naalden.

De Nederlandsche Nationale Kleederdrachten · 第 20 / 50 题