D. Vr. Waervan maeken de byen het was ofte de raeten?

M. A. Dit antwoort en dese vraeg kan mit seekerheydt niet beantwoordt

worden, omdat alle gemeine saeken der byen, door de ondervindingh niet

ontdekt syn. Maer soo veel als myn verstandt ofte gevoellen aengaet,

soo suponeer ick vastelyck, dat de byen het was ofte de raeten uyt de

natuer, gelyck een spin het wefsel maekt; en gelyck de ondervindingh

leert dat de spin het aldermeest werckt als haer neering groet is,

alsoo seydt men ock dat de byen den besten vortgang hebben als sy

wel worden onderhouden ofte van bueten veel honigh haelen.

Capittel III.

Van den aert der byen.

Het Geldersch Byenboek of pratyk der byen, langs den kant der Maes, Peel en Niers, in het overkwartier van Gelderland · 第 50 / 191 题