No. 1. "Met u zoude ik willen leven, met u gewillig sterven."

Ond. Niet kwaad! (tegen No. 2) en gij?

No. 2. Wel, Horatius zit weer in zijn koffiehuis en zeit: "met thee

wil ik leven en sterven."

Ond. (Met een goedkeurenden hoofdknik). Zeer merkwaardig!--Daar had

ik nooit aan gedacht! dat zou bewijzen, dat het theedrinken in die

dagen al was uitgevonden. Wij willen nu Virgilius eens bij de hand

nemen. Lees en vertaal dezen regel, No. 1!

No. 1. (Leest) Formosum pastor Corydon ardebat Alexin, Delicias domini.

"De herder Koridon beminde zeer den schoonen Alexis, de vreugde

zijns meesters."

Ond. Dat is nu niet woordelijk genoeg.

No. 2. Neen, dat zeg ik ook.

Ond. Hoe zoudt gij 't maken?

No. 2. Wel: "de Pastoor Jacob (of Koo) Rydon braadde een mooien haring,

een delicieus hapje voor een heer."

Ond. Egregie!--Gij hebt zeker de overzetting van Bilderdijk

gelezen;--doch de uwe is nog nauwkeuriger. (tegen No. 1) Die Ecloga

zal u waarschijnlijk te zwaar wezen: Lees en vertaal liever deze eens.

No. 1.

Tityre, tu patulae recubans sub tegmine fagi,

Silvestrem tenui musam meditaris avena.

"Gij, Tityr! nederliggende onder het dak der schaduwrijke beuk,

speelt op uw dunne schalmei een landelijk lied."

Ond. Hm! Tenuiter! gedrongen en stijf! (tegen No. 2) Hoe vertaalt

gij deze regels?

No. 2. Wel, dat is dood gemakkelijk. "Gij, Titi! (wie Titi is weet

ik uit den Sarivari) liggende onder het beukenberceau, denkt, dat ik

de dochter van den boschwachter in het hooi heb beetgehad.

Ond. Egregie! eximie! Dat is om alle Commentatores van spijt te doen

barsten. Gij zult een eerste criticus worden, dat voorspel ik u. Ik ga

u thans verlaten en plaats ruimen voor den examinator in het Grieksch.

Wij zullen aan onze lezeressen het examen in 't Grieksch sparen

('t is al wel, dat wij ze op Latijn trakteeren) en tot dat in de

Wiskunde overgaan.

Onderzoeker in de wiskunde. Waarom wordt wiskunde aldus genoemd?

No. 1. Omdat het eene wisse kunde is.

Ond. Tenuiter! (tegen No. 2) Hoe denkt gij er over?

No. 2. Wel, 't is van wisschen en kunde.

Ond. Van wisschen en kunde?

No. 2. Wel ja. Ik heb dat wel eens bijgewoond. De meester, of de

jongen, staat voor 't bord, met eene liniaal, een stuk krijt en eene

spons: en de heele kunst bestaat daarin, om wat lijnen, letters of

cijfers, daar geen drommel uit wijs kan worden, op te schrijven en

gauw weer uit te wisschen.

Ond. Egregie! Wel doordacht. Gij geeft ten minste reden van uw

zeggen. (tegen No. 1) Voor wie is de meetkunst vooral nuttig?

No. 1. Voor hen, die hun verstand willen scherpen.

No. 2. Voor de snijers en schoenmakers.

Ond. Egregie! Wat is een driehoek?

No. 2. Een steek.

Ond. Welke is de kortste weg tusschen twee gegeven punten?

No. 1. De rechte lijn.

No. 2. Mits er geen sloot tusschen ligt of geen beeren op zijn.

Ond. Daar is veel van aan:--Nu zal ik u eenige problemen ter

oplossing geven: reken eens uit: Wanneer een heer en eene dame in

een logement een kalfslever voor hun ontbijt ordonneeren, de heer

1/52 ons Nederl. eet, en de dame een half-vierendeel oud gewicht,

hoeveel blijft er dan over?

Vertellingen van vroeger en later tijd · 第 38 / 51 题