Het was in het begin van December. Men verwachtte de terugkomst van
den president, die een reis door het Zuiderdepartement maakte. Het
gemeentebestuur maakte toebereidselen voor eene schitterende ontvangst
van het hoofd van den staat. De president moest van den weg van
Leogane komen. Daar werd bij eene brug een eerepoort opgeslagen,
die de verbazing van alle wandelaars en straatslijpers opwekte. Het
was dan ook erg mooi! Aan de zijde naar den weg had de heer Colbert
Lochard een dragonder geschilderd met een sabel in de vuist, nevens
eene Ceres. Eene Minerva prijkte tegenover een tirailleur. De andere
zijde van den triomfboog was niet minder prachtig versierd. De blikken
der voorbij trekkende ossen werden onaangenaam getroffen door het
vuurroode kleed der Gerechtigheid, die een weegschaal in de rechter-
en een zwaard in de linkerhand hield.
Eindelijk, na herhaald uitstel, brak de lang verwachte dag aan. Op
den twaalfden December waren de bewoners der hoofdstad reeds met het
krieken van den morgen op de been. Uit hun drukte, hun ongeduld, hun
fraaie kleeding bleek genoegzaam, dat de terugkomst van den eersten
overheidspersoon voor deze lieden eene gebeurtenis van gewicht
was. Terwijl eene dichte schare zich op den weg nabij de eerepoort
verdrong, weergalmde eensklaps het salvo uit de kanonnen van het fort
Bizoton, dat de komst van den president aankondigde.
Hij zat te paard en reed, gevolgd door zijne adjudanten, in snellen
draf tot voor de eerepoort, waarboven zijne eigene beeltenis in hout
prijkte, met de eene hand de nationale vlag vasthoudende en met de
andere de grondwet verkreukelende. Onder dat beeld was het opschrift
te lezen:
aan Nissage Saget.
bewijs van genegenheid, de dankbare stad
Port-au-Prince.
Het orkest boven op den triomfboog geplaatst, blies uit al zijn
macht; de menigte juichte en jubelde. De burgemeester, omringd door
de leden van den raad, wachtte te paard onder de eerepoort. Toen
het een weinig stil was geworden, hield hij eene lange aanspraak,
waarnaar de president, ondanks de brandende zonnestralen, tot den
einde toe aandachtig luisterde, en waarop hij met eenige woorden
antwoordde. Daarop begon het geschreeuw op nieuw. De president steeg
toen van zijn paard, omhelsde den burgemeester, de raadsleden en
verdere officieele personen, benevens zijne vrienden en kennissen,
die hij onder de menigte herkende, en vervolgde te voet zijn weg naar
een huis, waar een collation voor hem gereed stond. Na zich hier wat
verkwikt te hebben, verliet Nissage Saget deze gastvrije woning, en
begaf zich met zijn gevolg onder het aanhoudend gejuich der menigte
naar de kathedraal, waar een Te Deum gezongen werd, en vervolgens
naar het Palais-National. In den namiddag werden de autoriteiten en
voornaamste inwoners bij hem toegelaten; en 's avonds was de geheele
stad geïllumineerd, terwijl op verscheidene plaatsen vuurwerk werd
ontstoken. Tot laat in den nacht heerschte op straat eene ongewone
en luidruchtige drukte.
De vrouwen van Haïti onderscheiden zich door eene zachte vleiende stem,
fraaie gitzwarte haren en eene sierlijke taille; zij zijn blank,
geel of, voor het meerendeel, zwart. De vermogende aanzienlijke
dames overdrijven in haar kleeding de parijsche modes, en vertoonen
zich op straat gedost in de kostbaarste stoffen en overladen met
allerlei versierselen. In huis dragen zij doorgaans niets anders
dan een eenvoudig peignoir. De vrouwen uit de volksklasse dragen
eene nauwsluitende, hooge japon van gingar, die zij om haar middel
vasthechten of los laten hangen, naar verkiezing.
Daar er niet veel fortuinen gevonden worden en de meisjes doorgaans
geen huwelijksgift mede krijgen, moeten de meeste vrouwen zelven de
handen uit de mouw steken en allerlei arbeid verrichten. Ook zogen
zij bijna allen haar kinderen, hetgeen trouwens aan haar gezondheid
geene schade doet. De kinderen worden nooit ingebakerd; van daar dat
er onder de negers en mulatten zoo weinig misvormden zijn.
De vermogende familiën plegen haar dochters naar Frankrijk te zenden,
om daar haar opvoeding te ontvangen: een gebruik, dat naar mijne
meening, geene andere dan kwade gevolgen heeft. De meisjes kunnen
zich in deze geheel vreemde wereld nooit recht te huis gevoelen;
onze beschaving, die zij niet kunnen begrijpen of waardeeren, leeren
zij doorgaans van de meest ongunstige zijde kennen; half ontwikkeld
en dikwijls zedelijk verdorven, gevoelen zij zich bij den terugkeer
in haar vaderland misplaatst en zijn dikwijls voor haar verder leven
ongelukkig.
December en Januari zijn bij voorkeur de maanden voor feesten en
partijen, waarin onophoudelijk bals, soirées en dergelijke gegeven
worden. Ik had overvloedig de gelegenheid bij zulke partijen
tegenwoordig te zijn en mijne opmerkingen te maken, vooral op de
soirées van den heer Charles Miot. De bloem van het high life van
Port-au-Prince was in zijn salon vereenigd, blijkbaar verheugd zulk
een feest te mogen bijwonen; de gastheer toch onthaalde de talrijke
genoodigden niet maar op een eenvoudig bal, maar op eene muziekale
en letterkundige soirée. Muziekanten en declamatoren schenen niet
minder gelukkig, dat zij in zulk een kring hun talenten mochten laten
uitblinken; Talma kon niet met meer zelfgevoel voor zijn parterre
van koningen optreden.
Eenige dagen na die schitterende soirée was ik tegenwoordig bij
de huwelijks-inzegening van Mlle Elise Elie, tegenwoordig mevrouw
Fatton, kleindochter van den generaal Dufrêne, die minister van
Soulouque was, met den titel van hertog van Tiburon.--Het was eene
indrukwekkende plechtigheid. Een talrijk publiek vulde het hoofdschip
en de zijschepen der kathedraal, een vierkant gebouw, dat pas gewit
was en door zijne groote eenvoudigheid meer aan eene anglikaansche,
dan aan eene katholieke kerk denken deed. Achter in het koor bevinden
zich drie altaren. Het altaar ter rechterhand is aan de Heilige Maagd
gewijd en versierd met een leelijk Onze-Lieve-Vrouwebeeld; dat ter
linkerhand, prijkende met het beeld van den kruisdragenden Christus,
is aan Sint-Joseph gewijd. Het zeer eenvoudige hoogaltaar was getooid
met kaarsen en bloemen, en het koor behangen met scharlaken roode
draperieën met gele zoomen. Een ijzeren hek, waarin een doorgang is
aangebracht, scheidt het koor van het schip. Het orgel bevindt zich
op eene tribune, boven den hoofdingang.
De president, die ook tot de partij behoorde, verscheen vergezeld door
een enkelen adjudant en twee officieren der politie, wier kostuum zeer
veel te wenschen overliet. Een smerige pantalon hing op hun uitgezakte
laarzen, een frac van twijfelachtige kleur, scheef toegeknoopt, liet
een overhemd zien, dat juist niet door netheid uitmuntte. Een shako,
die veel te groot was, zakte tot achter in hun nek. Een sabel, aan
een riem bevestigd, voltooide deze schitterende uniform.
Nissage Saget, in het zwart, met handschoenen aan, hield een rotting
met een ivoren knop in de hand. Op zijn laag uitgesneden vest
bengelde een gouden horlogeketting, zwaar genoeg om een bulhond aan
vast te leggen. Hij had in al zijne manieren het voorkomen van een
winkelbediende op zijn zondags. Een eilander, aan wien ik de opmerking
maakte, bekende mij dan ook, dat de man vroeger versteller van oude
kleêren was geweest.
Behalve het huwelijk, bestaat er nog iets anders, dat men met een
eigenaardig woord placement noemt. Ondanks al de inspanning der
katholieke priesters, die al het mogelijke doen om bij de menigte
het zedelijk bewustzijn op te wekken, is bij de negers der mindere
standen het huwelijk nog steeds eene uitzondering en geheel wettelooze
samenleving bijna regel. Een jonkman vraagt een meisje aan hare ouders
en zij wordt hem gegeven, onder zekere bepalingen, die natuurlijk in
elk bijzonder geval kunnen verschillen. Het is onmogelijk te zeggen,
hoevele kinderen geboren worden uit dergelijke vereenigingen, die noch
voor de kerk, noch voor de burgerlijke wet in eenig opzicht geldig
zijn. Zeer dikwijls gebeurt het, dat de man, als hij genoeg heeft van
zijne bijzit, haar eenvoudig met haar kinderen op straat zet, om met
eene andere te gaan leven. Wel is onder den zoogenaamden aanzienlijken
stand, sedert vele jaren, de kerkelijke inzegening van het huwelijk
regel, maar het getal der echtscheidingen is ook daar bijzonder groot.
Zooals ik reeds zeide, beginnen de feesten en vermakelijkheden
te Port-au-Prince met de maand Januari: bals, partijen, maskeraden
volgden dan elkander zonder tusschenpoozen op. Avond aan avond trekken
geheele troepen gemaskerde, zonderling toegetakelde jongelieden door de
straten, tot groot vermaak der winkeliers, die onder de galerij voor
hunne deur zitten. In de dagen voor Vastenavond wordt het spektakel
nog erger. Legioenen van clowns, van duivels, ridders, paljassen
overstroomen de stad. Een buitensporig toegetakelde gemaskerde
wandelt aan het hoofd der bende, het hoofd versierd met monumentale
horens. Dan volgt een generaal door zijn staf omringd, allen in de
meest fantastische uniformen gedost. Mannen, als vrouwen verkleed,
vergezellen hen en geven de zonderlingste, vaak ook aanstootelijkste
vertooningen ten beste. Het is een mengelmoes van de buitensporigste
kostumen, een onmogelijk charivari van maskers en vermommingen; en
daarbij ontbreekt het niet aan kreten en geluiden, aan uitroepen en
toespelingen, die zeer duidelijk hun afrikaanschen oorsprong verraden
en aan de Goudkust of Dahomey doen denken. De meeste gemaskerden
gaan te voet; sommigen zitten te paard en kunnen zich niet dan met de
grootste moeite in het zadel houden, daar de paarden door het gedrang
en het helsche leven schichtig worden.
Omstreeks dezen tijd stierf Mr. Deslandes, stafdrager van de orde
der advokaten, op betrekkelijk nog jeugdigen leeftijd. Hij was zeer
gezien en zijn plotselinge dood verwekte algemeene deelneming. Op den
dag der begrafenis begaf ik mij naar het sterfhuis. Onder de galerij,
in de gang, op de trappen bevonden zich de vrienden en bekenden der
familie, wachtende op den priester. Op de eerste verdieping waren
de bloedverwanten en de vertrouwdste vrienden van den overledene
vereenigd, in een vertrek, dat behangen was met zwart laken, bezaaid
met doodshoofden en gekruiste beenderen. Volgens een eerbiedwaardig
gebruik, moeten de bloedverwanten en vrienden van den overledene den
nacht vóór de begrafenis, bij zijn lijk doorbrengen, om daarmede als
het ware te kennen te geven dat zij niet dan in het uiterste oogenblik
van hem willen scheiden.
Toen de lijkstoet het huis verliet, was het vijf uren. De vrienden
droegen de mahoniehouten lijkkist tot aan de kerk. Achter de lijkbaar
volgden de banieren van het Groot-Oosten van Haïti, want Mr. Deslandes
was lid van de loge der Coeurs-Unis. Daar de geestelijkheid deze
banieren van de vrijmetselarij, zeer natuurlijk, niet in de kerk
wilde toelaten, was men verstandig genoeg, de vaandels weg te brengen.
Het zoogenaamde binnen-kerkhof is uitsluitend bestemd voor de
begraafplaats der aanzienlijken. Daar bevindt zich het grafteeken
van de graaf d'Ennery, die in 1776 als gouverneur-generaal
overleed. Behalve andere mannen van meer of mindere bekendheid, rust
daar ook de beruchte revolutionair Billaud de Varennes. Het graf
van Dessalines wordt aangewezen door een steen, met het lakonieke
opschrift: