Bankier Meijer-Wolf was zeer tevreden over zichzelf en over zijn zaken,
toen hij twee dagen na de inbraak de Engelsche Bank verliet met een
credietbrief van een half millioen pond sterling, betaalbaar aan hem op
de Italiaansche Bank te Triënt.
De zaak, welke hij van plan was met den graaf, een der grootste
wijnbergbezitters, af te sluiten, maakte het noodig, dat hij over zulk
een groot bedrag kon beschikken.
Met een voldaan lachje nam de bankier plaats in den trein, die hem naar
de boot zou brengen.
Hij had niet gelet op Charly Brand, die hem sinds het vertrek van
Raffles in het oog hield en die had gehoord, wat hij op de Bank had
verhandeld en naast hem aan het loket had gestaan, toen hij een kaartje
nam, om naar Triënt te reizen.
Nauwelijks was de bankier vertrokken, of Charly Brand verzond het
volgende telegram:
„Harry Weber,
hoofdtelegraafkantoor,
Florence.
Afgereisd. Credietbrief op Italiaansche Bank Triënt over een half
millioen pond sterling. Groeten.