Met een mooie rede heeft Mr. C. Th. van Deventer op Zaterdag 23 October
op de begraafplaats te Utrecht een eenvoudig gedenkteeken onthuld op
het graf van den jongen indischen arts, wiens dood in de laatste dagen
van het vorig jaar zooveel deelneming heeft gewekt en aan wien wij
in ons nommer van 9 Januari een woordje wijdden. De plechtigheid van
thans verlevendigt nog eens de groote teleurstelling over zijn dood,
want er viel van den pas in ons land tot arts bevorderde zooveel te
verwachten. Hij had een tweede Junghuhn kunnen worden voor onze kennis
van Indië, en in dezelfde betrekking, waarin Junghuhn in Indië zooveel
waardevol werkt heeft verricht, namelijk als officier van gezondheid,
al was het dan evenmin als bij Junghuhn op medisch terrein.
Hij zou ook in zijn later leven een voorbeeld hebben kunnen blijven
van wat er aan geestelijke krachten en gaven schuilt in onze bruine
broeders in de Oost en hij zou een voortdurende opwekking zijn geweest
voor onze regeering en wie op haar invloed hebben, om alles in het
werk te stellen, ten einde den weg te effenen, waarlangs de inlandsche
bevolking van ons Indië kan komen tot verheffing en ontwikkeling.
Het is een eenvoudige gedenksteen, die zijn herinnering zal levendig
houden, met de woorden:
"Ter herinnering aan Johannes Everhardus Tehupeiory, inlandsch
en nederlandsch arts, geb. 25 Juni 1882 te Ema, eiland Ambon,
overleden 22 December 1908 te Utrecht.
Zijn nagedachtenis blijft in eere bij allen, die gelooven in
Insulinde's toekomst".
De gedenksteen is gebeeldhouwd door Thérèse van Hall, de kunstenares,
die getoond heeft, hoe goed ze haar taak heeft opgevat. In ernst
en eenvoud gaf zij een zinnebeeld, een knaap in oosterschen trant
nedergezeten en gebogen over een boek vol wijsheid; het teere
figuurtje overhuifd door gebladerte, dat herinnering aan Ambon's
sagopalmen wekt; op den achtergrond stralen van de rijzende zon; het
geheel voltooid door een voor zichzelf sprekend opschrift en door
twee aan weerszijden op den bovenrand geplaatste slangenbeeldjes,
symbolen der medische wetenschap.
De secretaris van de vereeniging van indische studenten, de heer
R. Soemitro, onthulde den steen, en de voorzitter, de heer Soetan
Casajangan, aanvaardde in naam van de leden der Indische Vereeniging
het gedenkteeken, dat aan de zorg dier vereeniging blijft opgedragen en
dankte de nederlandsche vrienden voor hun daadwerkelijke belangstelling
in het werken en streven van de vooruitwillenden in de indische
maatschappij.
Ook Mr. J. H. Abendanon, oud-directeur van onderwijs in Indië, sprak
een woord van hoop voor Indië's toekomst.