A. D. 1909.

Bij monde van den Rev. William E. Barton uit Chicago had den 18den

de eigenlijke aanbieding plaats.

Nog sprak bij de onthulling een eerbiedwaardige grijsaard, de

heer George Bishop, een vertegenwoordiger van de oude kerk der

knickerbockers, een afstammeling der eerste kolonisten, en ook de

kanselier van de universiteit te New York, Dr. Henry Mitchell Mac

Cracker, die over de in September aanstaande Hudson Fultonviering

vol geestdrift uitweidde en alle Nederlanders, die over zouden

komen al bij voorbaat hartelijk welkom heette. Men weet, dat onze

oud-minister, de heer J. T. Cremer op 11 September erheen vertrekt

als vertegenwoordiger van Nederland.

De plechtigheid in de Statenzaal te Leeuwarden was voorbereid door

een tentoonstelling, in het prentenkabinet van het friesch Museum

ingericht ter herinnering aan het feit, dat de Staten van Friesland,

het eerst van alle geüniëerde provinciën, bij besluit van 26 Februari

1782, aandrongen op de erkenning van John Adams als gezant van Amerika,

iets wat gelijk stond met de erkenning der onafhankelijkheid van den

Noord-Amerikaanschen Staat.

Behalve portretten van bekende voorstanders van de Amerikaansche

onafhankelijkheid, als Johan Derck van der Capellen, den Amerikaanschen

burgemeester Hooft e. a., bestaat de expositie in hoofdzaak uit

documenten die een levendigen kijk geven op hetgeen er in 1782 omging

in Friesland's hoofdstad en te Franeker, zetel der voormalige friesche

hoogeschool.

De Leeuwarder »Burger Sociëteit door Vrijheid en IJver« was zóó

getroffen door het volwijze besluit der Staten van Friesland, dat

zij besloot op hare kosten een zilveren medaille te laten slaan

door B. C. van Calker te Amsterdam, naar nog voorhanden schetsen van

J. Buys. Na veel wikken en wegen kwam men tot de volgende symboliek

op de voorzijde der medaille, die volgens de gedrukte verklaring als

volgt moet worden opgevat:

De voorzijde vertoont een Fries, gekleed naar den ouden en

caracteristicquen trant der Friezen tusschen Flie en Lauwers; 't

welk te kennen geeft »dat deeze Vrije Natie in haar oorspronkelijk

caracter, en zugt voor de Vrijheid, onverandert en nog dezelfde

is«. Deze Fries, met moeite ontdekt op een populair schilderij: »de

Friesche maaltijd«, thans in het friesch Museum geeft de rechterhand

aan eene Indiaansche maagd, representeerende de Vereenigde Staten

van N. A. Deze »als noch niet in de stille en vreedige bezitting der

vrijheid en onafhankelijkheid, vestigt hare oogen op een nederdalende

Engel, die haar den hoed der vrijheid als een bizonder geschenk uit

den hemel brengt«.

Met de linkerhand wijst de Fries den vredespalm af, hem aangeboden door

de Britsche maagd, bemerkt hebbende de adder in het gras liggende. De

luipaart daarnaast, het gewone zinnebeeld van Engeland.

Het afwijzen van den vrede sloeg op een tweede Statenbesluit,

van April 1782, waarbij Friesland voorging in het weigeren om een

afzonderlijken vrede met Engeland te sluiten. Talrijke brieven

van voorname landgenooten en buitenlanders, een collectie, die een

liefhebber van handteekeningen en zegels moet doen watertanden, brengen

aan de ijverige societeit den dank voor een toegezonden medaille. Men

vindt er bij van John Adams, zijn zaakgelastigde Dumas, den franschen

ambassadeur Hertog de la Vauguyon, Hendrik Hooft, C. L. van Beyma,

den graaf van Wassenaer, van der Cappellen tot den Pol en vele

andere. Ook de medaille, die in totaal f2074 aan kosten meebracht,

is in meerdere exemplaren vertegenwoordigd.

Franeker gaf 17 Juni 1782 op kosten der hoogleeraren, studenten en

burgers ter eere der erkenning van Amerika een schitterend vuurwerk,

later in twee gedichten bezongen. De eereboog had in 't latijn tot

opschrift:

Eén dag van vrijheid wordt van hooger prijs geacht

Dan eeuwen onder 't juk eens Dwingelands doorgebracht.

Op Donderdag 15 Juli had daarna de aanbieding der gedenkplaat

door den heer Elliot Griffis plaats. Bij die bijeenkomst waren

ook het gemeentebestuur vertegenwoordigd en het bestuur van

Vreemdelingenverkeer, voorts de heeren Bloembergen en Sickenga, leden

der Eerste Kamer, verschillende leden van rechterlijke colleges en

ook dames. Na het woord van welkom door Th. M. Th. van Welderen baron

Rengers hield diens vader, voorzitter van het Friesch Genootschap, een

toespraak, waarin hij herinnert aan de aanleiding tot de plechtigheid,

de erkenning door de Friesche Staten van de onafhankelijkheid der

Amerikaansche republiek, wier bloei en grootheid thans bewondering

afdwingt.

Daarop las de griffier der Provinciale Staten, mr. C. B. Menalda,

de acte van 1782 der erkenning van Adams voor, waarna de heer Griffis

een toespraak hield gevolgd door het aanbieden der gedenkplaat. Na die

aanbieding volgde een toespraak van den heer Th. M. Th. van Welderen

baron Rengers en werden drie brieven gelezen, waarna de burgemeester

van Leeuwarden, de heer A. E. Zimmerman nog kort het woord voerde.

De bedoelde brieven waren een van den gewezen amerikaanschen gezant

in Duitschland en voorzitter der amerikaansche delegatie ter eerste

Vredesconferentie, Andrew D. White, met een gelukwensch aan het Friesch

Genootschap voor wat dit deed voor het onderzoek der middeleeuwsche

en nieuwe geschiedenis. De tweede was van Charles E. Hughes, naar

men weet, gouverneur van den staat New-York, en gericht aan den heer

Griffis, uitdrukkende de blijdschap van den schrijver, dat de heer

Griffis belast is met de aanbieding der plaat, en hartelijke groeten

aan wie ze ontvangen. Het derde schrijven was van den heer Randolph

Horton, burgemeester van Ithaca, gericht tot den burgemeester van

Leeuwarden, met een uiteenzetting der beweegredenen van de aanbieding

der gedenkplaat en groeten van vele amerikaansche burgers, daarbij

de beste wenschen uitsprekende voor de eer en de welvaart van de

stad, waar de eerste officiëele stem opging voor de erkenning der

onafhankelijkheid van de Vereenigde Staten.

De bronzen gedenkplaat, gevat in massief houten raam bevat het

volgende opschrift:

Memorial of gratitude.

At Leeuwarden in the states of Friesland

February 1782

the first vote was taken which led to the recognition of the

independence of the United States of America by the Republic of the

United Netherlands.

Erected by the De Witt Historical Society

of Tompkins county

at Ithaca N. Y.

A. D. 1909.

Het opschrift der gedenkplaat is omgeven door de wapens van Nederland,

de Vereenigde Staten, Friesland, den staat New-York, Leeuwarden

en Ithaca.

Daarmee was de plechtigheid afgeloopen. Alle toespraken werden in

het Engelsch gehouden. De heer Griffis was vergezeld van een zoon en

een dochter.

Hij komt na zijn kort verblijf hier te lande weer terug in September

voor de plaatsing in een gebouw te Leiden, van een gedenkplaat ter

herinnering aan prof. Jean Luzac, voor wat deze als redacteur van de

Leidsche Courant heeft gedaan in het belang van de erkenning van de

Vereenigde Staten door de Republiek.

Op den Uitkijk, Jaargang 1909 Bijblad bij De Aarde en haar Volken · 第 234 / 353 题